Skip to content

De Komedie Van De Wet. William Shakespeare: Recht En Literatuur

05/08/2012

‘Alleen door het lezen van literatuur maken juristen zich de verbeeldingskracht eigen die ze in huis horen te hebben’, vindt Hans Nieuwenhuis oud-hoogleraar burgerlijk recht (Leiden). Daarom is hij zich ook met het vak bezig gaan houden dat aangeduid wordt als Recht en Literatuur. In de Verenigde Staten en Engeland is daarvoor een sterke stroming ontstaan. Die is opgekomen om te laten zien dat recht niet op zichzelf staat maar hecht is verbonden met andere aspecten van het menselijk bedrijf.

In het kader van dit vak wordt naarstig gespeurd naar literatuur waarin morele en politieke vraagstukken aan de orde zijn en die ook nog eens doordrenkt zijn met het recht. Dit heeft de Belgische jurist en filosoof François Ost (docent in Brussel en Genève) aangespoord om een studie te wijden aan theaterstukken van William Shakespeare (1564-1616), getiteld Shakespeare, La Comédie de la Loi, met het doel een bijdrage te leveren die past binnen de rechtscultuur van ‘recht en literatuur’.

De studie steekt als volgt in elkaar. Na een uitgebreide inleiding behandelt Ost een aantal theaterstukken van Shakespeare, waaronder De Koopman van Venetië, Julius Caesar, Hamlet, King Lear. Hij achterhaalt niet alleen het soort recht dat in de verschillende stukken aan de orde is, maar vraagt daarbij vooral aandacht voor de morele en politieke vraagstukken die erin spelen en de juridische spitsvondigheden waarmee wordt gejongleerd. Aldus krijgt de lezer een kijk op het recht en wel een die verbonden is met het theaterstuk. Dat bewerkstelligt dan weer, althans dat is de bedoeling, een vergroting van de verbeeldingskracht van de lezer.

Law in action versus law in the books

Wat men overigens bij het lezen van het boek moet beseffen, is dat het in de Angelsaksische landen om een andersoortig recht en rechtsbedrijf gaat dan op het vaste land van Europa. In Engeland en de VS werkt men – al eeuwen – vanuit praktische handelingen. Er is namelijk sprake van ‘rechtersrecht’ (judge made law), law in action. Dat is de belangrijkste bron van Shakespeare geweest. Het gaat dus niet over het virtuele recht van wetten (law in the books), maar over het effectieve recht dat in gang wordt gezet in de rechtbanken. Kortom, het is voorstelbaar dat Shakespeare er theater in heeft gezien…

Dit maakt Shakespeare niet tot rechtsfilosoof, maar rechtsfilosofische elementen heeft hij wel in zijn stukken weten te verwerken. In feite vertelt hij over de Engelse maatschappij, die zelf een ‘narratieve gemeenschap’ is (narrative: verhalend, vertelkunst). Dat is geen onschuldige bezigheid. In de verhalen wordt namelijk doorverteld hoe de sociale orde in elkaar steekt. Door het verhaal erover door te geven vindt reproductie van die sociale orde plaats: zo is het goed. Dat is evenwel helemaal de vraag. Wie een ander verhaal vertelt, zoals bijvoorbeeld anarchisten dat doen, is subversief bezig. Desbetreffende zal door de politie op de hielen worden gezeten of worden getroffen door censuur.

Maar Shakespeare verstond als geen ander de kunst om een ‘dubbel spel’ op te voeren, demonstreert Ost meerdere keren. Door mensen via zijn stukken op het verkeerde been te zetten, laat hij ze ook nadenken over de ambivalente situatie waarin zij zelf leven. En wij leven daar niet meer in? Vergeet het maar. Het vak Recht en Literatuur speelt daar op in. Het draagt niet zo zeer kennis over, maar leert kritisch kijken, dat is wat Ost voorstaat. Dit wordt ook scherp door Jeanne Gaakeer tot uitdrukking gebracht. Zij is naast raadsheer bij het Hof Den Haag tevens bijzonder hoogleraar rechtsfilosofie en houdt zich in dat kader, in Rotterdam, met Recht en Literatuur bezig. Hieronder citeer ik uitgebreid een deel uit haar college ‘Recht, literatuur en het belang van inlevingsvermogen’ (gehouden 4 november 2011). In dit geval wordt niet naar Shakespeare maar naar Kafka verwezen.

Politiek conservatieven versus links georiënteerde denkers

Voor haar betoog vertrekt zij vanuit een omschrijving van utopie als door de Franse filosoof Paul Ricoeur verwoord. Utopie is ‘datgene wat geen plaats heeft in de dominante interpretatiecode van een cultuur’. Daardoor staat utopie tegenover (politieke) ideologie als ‘de naar eenduidigheid tenderende interpretatiecode, die andere betekenismogelijkheden uitsluit’. Die tweedeling keert terug in de wijze waarop vanuit de literatuur naar het recht wordt gekeken.

Franz Kafka

De inhoud van Recht en Literatuur kan daarom een strijd opleveren tussen politiek conservatieven en linksgeoriënteerde denkers. De laatsten zetten hun literaire analyses in, om een kritiek op het neoliberale denken te ontwikkelen. Zo wordt bijvoorbeeld aan de hand van het werk van Franz Kafka, dat wordt geduid als een kritiek op het kapitalisme, kritiek geleverd op de visie op autonomie en keuzevrijheid van het individu binnen het kapitalistische denken.

Binnen dat denken wordt het klassieke economische idee van welvaartsmaximalisatie verdedigd, als zou in het vrije spel van de vrije markt een waarborg zijn gelegen voor de autonomie van de deelnemende actoren. Kortom, het betreft de gedachte dat mensen hun individuele preferenties kennen, deze kenbaar kunnen maken en er naar kunnen en ook willen handelen. De kritiek daar weer op is de volgende. Met de claim, dat actoren op rationele wijze kiezen voor datgene wat voor henzelf optimaal is, wordt voorbijgegaan aan de mogelijkheid dat de afhankelijkheidspositie waarin actoren zich mogelijkerwijs bevinden, bepalend is voor de door hen gemaakte ‘keuzes’.

Zelfs vrijwillig aangegane transacties waarbij ieder die erdoor wordt getroffen volledig wordt gecompenseerd, kunnen slecht zijn. Waarom? Omdat de keuzes die mensen maken, soms niet zo vrij zijn als verondersteld en kunnen leiden tot het ongeluk van mensen, in plaats van tot hun ‘welvaarts’-maximalisatie. In het lot van Joseph K. in de roman Het Proces en dat van Georg in het verhaal ‘Het Vonnis’ en de hongerkunstenaar in het gelijknamige verhaal, is te lezen hoezeer er verschil kan zijn tussen de uiterlijke verschijningsvorm en de innerlijk ervaring van degenen die zogenaamd vrijwillig ‘transacties’ aangaan. Politiek conservatieven staan hier vijandig tegenover. De gegeven beschrijving van het recht bij Kafka, zien zij als een boosaardige gril. Wat steekt daar achter?

Gaakeer, die ik hierboven aan het woord liet, wijst erop dat juist de politiek conservatieven recht als een systeem van regels zien, waarbij de taal als afbeelding van de werkelijkheid wordt begrepen. Taal in die opvatting is het neutrale medium waarbij ‘feiten’ entiteiten in de wereld zijn die op eenvoudige wijze met behulp van woorden – de codering van de perceptie van diezelfde feiten – kunnen worden overgebracht. Recht en Literatuur verzet zich tegen dit afbeeldingsdenken, aldus Gaakeer, en laat met behulp van literaire werken zien dat feiten niet zelden product zijn van onze eigen visie. Recht is niet slechts een systeem van regels maar een argumentatieve cultuur die zich buigt over waarden en vraagt naar de samenleving.

                                                                William Shakspeare

Comedia

Shakespeare moet dit ook hebben doorzien. In ieder geval heeft Ost dit met zijn De Komedie van de Wet onderkend en willen verklaren. En men behoeft geen rechten te gaan studeren om in de behandeling van morele en politieke kwesties geïnteresseerd te zijn en waarbij het recht om de hoek komt kijken. In de behandeling van dat soort kwesties ligt de voornaamste zin van de tekst van Ost.

Het is dan ook niet nodig om jurist te zijn, voor wie de tekst wil doorgronden. Dat die morele en politieke kwesties van uit het recht worden gedacht of daar naar toe terug worden geleid is mooi mee genomen om iets meer van het recht te begrijpen. Daarmee zeg ik niet dat het om eenvoudige kost gaat. Maar een Comedia, niet dell’arte, maar de la Loi (van de wet) blijft het wel. Daar is het Shakespeare voor.

Thom Holterman

OST, François, Shakespeare, La Comédie de la Loi, uitgegeven door Michalon Éditions, Paris, 313 blz., prijs 18 euro.

AANTEKENING

Hans Nieuwenhuis over het keuzevak Recht en Literatuur waaruit ik citeerde; zie:

http://www.studereninleiden.nl/actueel/bericht/recht-en-literatuur-een-saai-lijstje-van-spannende-boeken/ .

De collegetekst van Jeanne Gaakeer vond ik op:

http://www.letterenensamenleving.nl/joomla/images/docu/20111104-GAAKEER-krachtvdroman.pdf  .

Advertenties
No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s