Skip to content

Michael Bakoenin: (2) Scherpe Kijk Op Denkbeelden Van Marx

12/03/2014

Kop.Lib.47

Naar aanleiding van het 200ste geboortejaar van Bakoenin publiceerde Agnès Pavlowsky enige tijd geleden een korte impressie over het leven van Bakoenin. Wat nu volgt is het tweede deel. Daarin behandelt zij enkele zienswijzen van Bakoenin in relatie tot bepaalde denkbeelden van Marx. Haar bijdrage is opgenomen in het veertiendaagse bijblad (nummer 47 van 13 februari 2014) van het Franse weekblad Le Monde libertaire. Die bijdrage draagt als titel ‘Bakounine, 2. Un regard affûté sur les thèses de Marx’ (Bakoenin, 2. Een scherpe kijk op de stellingen van Marx). Hieronder een vertaling ervan. [ThH]

Tegen het uitbuitingssysteem

Het met elkaar vergelijken van de opvattingen van Bakoenin en Marx, werpt een licht op de verschillen tussen het communisme (Marx) en libertaire socialisme (Bakoenin). De actualiteitswaarde van deze benadering is, dat ze bijdraagt aan de verheldering van onze gedachte over dominantie. De positie die Bakoenin inneemt in de confrontatie met Marx, laat namelijk zien hoe hij anticipeert op de intrinsieke fout in de communisme opvatting van Marx.

Overigens is dit geen eenvoudige klus omdat de gedachten van de beide denkers evolueerden gedurende de tijd en gelet op hun ervaringen, waar zij lessen trokken uit de (politieke) gebeurtenissen. Bovendien kritiseerden zij beiden in hun hoedanigheid van antikapitalisten de concentratie van kapitaal in handen van enkelen. Maar als Bakoenin constateert dat arbeiders zich verburgerlijken, bestrijdt hij de simplificatie van Marx, die een revolutionaire kracht uit de groeiende verpaupering van de massa afleidt. Verder verwerpt hij het op de eerste plaats stellen van de economie. Bakoenin wil eerder naar de politieke situatie kijken.  Daarbij onderstreept hij wat de beoordeling van die situatie aangaat, de aandacht voor factoren als de religie, de instituties, de mentaliteit.

Alle twee zijn, kan men samenvattend opmerken, tegen het uitbuitingssysteem. Bakoenin stelt evenwel de vrijheid in zijn denken voorop. Samen met zijn radicale keuze voor gelijkheid, levert dit de afwijzing op van alle vormen van hiërarchie. Dat doet hem weer alles wat gezag aangaat verwerpen, indien dat gezag niet is gekoppeld aan competentie en kennis. Het gaat dus om gezag dat wordt opgelegd, dat van buitenaf komt (wet, religie, ‘grijpen naar de macht’).

Bakoenin is daarmee het speerpunt van het antiautoritaire socialisme geworden, dat zich richt tegen elementen als de bureaucratie en het centralisme van de Internationale Associatie van Arbeiders (IAA). Dit betreft evenwel de elementen die door Marx worden verdedigd, juist om de macht in de IAA te grijpen. Door het antiautoritarisme als het hart van het anarchisme aan te wijzen, verdedigt Bakoenin de autonomie van de federaties van de IAA en beveelt een collectief afwijzen aan van beslissingen die ‘van boven’ komen.

Bakoe

Emancipatiestrijd

Het antiautoritarisme verbindt zich met het anti-etatisme. Men heeft dus in de staat niets te zoeken. Voor Marx verloopt de emancipatie van de arbeiders evenwel via de strijd om de politieke macht, dat wil zeggen via de verkiezingen die binnen een staatsverband verlopen. De een wijst dus de staat af en de ander wil de staatsmacht veroveren.

Bakoenin heeft een emancipatiestrijd voor ogen die zich richt tegen de bourgeoisie en waarbij de staat door een federalistische structuur van de maatschappij wordt vervangen. Die structuur is in lijn met de opvatting van Proudhon daarover. De staat is intrinsiek repressief en de macht is er gecentreerd. De deelname van de overheersten aan verkiezingen, zoals voorgesteld door Marx, is een verloren spel in de opvatting van Bakoenin. De heersers zullen niet aarzelen een democratie om te vormen in een dictatuur als zij voelen dat hun macht in gevaar komt.

Bakoenin wijst een ‘dictatuur van het proletariaat’ af omdat dit het overheersen van de arbeiders betekent. Hij schat in dat een partij die regeert en de productiemiddelen en de rijkdom controleert en beheert, zoals Marx het wenst, zal leiden tot het beslagleggen op alle machtsposities. Deze vooruitziende blik is gelet op de ontwikkelingen in Rusland na 1917 juist gebleken.

De libertaire ideeën hebben een zeker gehoor gevonden in de Zuid-Europese en Zwitserse secties van de IAA. Marx wilde deze invloed zien af te stoppen. Hij trachtte Bakoenin in een kwaad daglicht te stellen en hem te belasteren, zoals hem ervan te beschuldigen dat hij een geheime agent van de tsaar was (Marx ontkende dit weer). Wat daarvan ook zij, het lukte hem de antiautoritaire leden uit de IAA te zetten (congres Den Haag 1872). In reactie daarop werd op 15 september 1872 het congres van Saint-Imier gehouden waar de antiautoritaire Internationale werd opgericht.

Aan het slot van deze beschouwing kunnen we niet om een delicaat onderwerp heen: zoals Marx zijn vooroordelen had met betrekking tot de Slavische volken, was Bakoenin behept met een diffuus antisemitisme. Wat ons evenwel is nagelaten is de scherpzinnigheid van zijn inzichten gericht op de marxistische stellingen. Bakoenin nodigt ons uit waakzaam te zijn in de anarchistische beweging, om niet de poort te openen ten behoeve van het ‘grijpen van macht’.

Agnès Pavlowsky

Advertenties
No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s