Skip to content

Democratisch Beginsel. Buitenparlementaire Protestbewegingen Aan Zet

24/09/2014

Monde

Enkele jaren geleden publiceerden de Franse socioloog Albert Ogien en de Franse filosofe Sandra Laugier hun boek Waarom niet gehoorzamen in de democratie (2010). Dat boek handelde over tactieken van burgerlijke ongehoorzaamheid. Zij huldigden daarin het standpunt, dat het legitiem kan zijn in een democratie ongehoorzaam te zijn.

In hun onlangs uitgekomen nieuwe boek getiteld Het democratisch beginsel, onderzoeken zij de opstandige geest. Zij besteden daarbij aandacht aan wat er in de afgelopen jaren zich heeft voorgedaan: van ‘Arabische lente’ tot uitingen van de ‘Ongehoorzamen’ en de Occupy-beweging. Hoewel in de verschillende landen de opstandige geest elk zijn eigen kenmerken heeft, achten de auteurs het mogelijk alle onder één noemer te brengen: het opeisen van ‘echte democratie’. In het Franse dagblad Le Monde wordt Sandra Laugier daarover geïnterviewd. Hieronder punten uit dat vraaggesprek.

OmslagDemo

Le Monde (Le M.): Uw onderzoek naar de buiten-institutionele politieke protestbewegingen veronderstelt, dat die bewegingen met elkaar te vergelijken zijn. Die onderling vergelijkbare vormen en methoden zijn die als een ‘inherente nabijheid’ te zien van dit type protest?

Sandra Laugier (S.L.): Voor ons gaat het inderdaad om een inherente nabijheid bij die bewegingen, ondanks hun verschillen en gelet op de politieke context. Deze bewegingen hebben hun functioneren op democratische leest geschoeid en zij hebben daarbij gepoogd een beeld te maken van wat zij eisen. Het is voor hen een moreel-politiek basisbeginsel. Zij hebben leider noch programma, maar wel die ene eis van ‘werkelijke democratie’. En dat is wat we overal tegenkomen. Het is een absoluut vereiste van gelijkheid – wat wij als auteurs het democratisch beginsel noemen. Dit drukt dus ook uit: we kennen geen democratie, ook niet in een ‘democratisch land’.

Wat wordt opgeëist onder het democratisch beginsel zijn democratische verwachtingen en beloftes: vrijheid, gelijkheid, waardigheid van personen. De verwachtingen en beloftes moeten eindelijk eens gerealiseerd en ingelost worden.

Le M.: Jullie denkbeeld is dus dat deze bewegingen een familiegelijkenis kennen. Is er in dat opzicht plaats voor bewegingen als ‘La manif pour tous’? [Het betreft de beweging in Frankrijk die zich tegen het homohuwelijk verzet]

S.L.: In ons boek over de tactieken van burgerlijke ongehoorzaamheid uit 2010 hebben wij wat dat aangaat ook rechtse en extreemrechtse groepen, zoals de ‘Tea Party’ in de VS of ‘La Manif pour tous’ in Frankrijk meegenomen. Voor het nieuwe boek moesten we ons afvragen waarin deze bewegingen zich onderscheiden van bewegingen bijvoorbeeld van het type Occupy Wall Street of ‘Réseau éducation sans frontières’ (Educatienetwerk zonder grenzen).

educationsfOp een bepaalde manier is het laatste boek geboren uit de gedachte van het onderscheid tussen (1) de doelstelling om rechten te eisen voor een zo groot mogelijk aantal mensen en (2) de doelstelling de uitbreidingsmogelijkheid te bestrijden, zoals ‘La Manif pour tous’ doet. De ongehoorzaamheid is niet noodzakelijk altijd burgerlijk noch democratisch. En in tegenstelling daarmee is het mogelijk, dat in het kader van het democratisch beginsel, er gestreden wordt voor de toepassing van een wet. [Als er in wetgeving sprake is van ‘huwelijkssluiting’, dan moet dat gelden voor iedereen.]

Le M.: Waarom is de vraag naar de sociale herkomst van de mensen, die deze bewegingen dragen, niet gesteld?

S.L.: Ons onderzoek rust op de analyse van de taal en de gewone praktijken. Wat ons bovenal interesseerde, als filosoof en als socioloog, is wat er door die bewegingen wordt opgeëist en welke relaties er bestaan tussen mensen in de microsamenlevingen die zij instellen. Bij het schrijven van het boek speelde op de achtergrond het idee mee, dat er vertrouwen is in mensen. Zij worden in staat geacht om te oordelen en te beslissen in alle domeinen over de zaken, die zij voor zich goed vinden, wat hun sociale herkomst ook is. (…)

Wij wilden vermijden, dat het idee heerst dat individuen in zodanige dominantie systemen zijn opgesloten, dat zij niet meer in staat zijn om te weten, wat hen aanstaat. In tegendeel, wij stellen hun volle politieke vermogen voorop.

Le M.: Vandaar het gevoel van onbehagen omtrent deze bewegingen?

S.L.: Er is inderdaad sprake geweest van een blokkade bij de politici en de politieke macht en ook van de kant van de intellectuele wereld. In Frankrijk wordt dit ingegeven door de typisch Franse politieke gedachte: het sterk doortrokken zijn van het politieke denken met het concept gouvernementaliteit [alleen de overheid, het bestuur, kan ons redden], de noodzaak van het verwerven van macht, het denken in instituties en rechtvaardigheid in abstracte zin.

Welnu, de levende politieke discussie en wat daarbij wordt opgeëist, of dat nu van de kant van feministes, milieuactivisten etc. komt, dat alles valt tegelijk die typisch Franse politieke gedachte aan. En dan blokkeren mensen. Het laten kantelen van de politiek in de richting van een wijze van analyseren gecentreerd op relaties van gelijkheid in de dagelijkse omgang of het nemen van initiatieven in het dagelijkse leven, doet politici en dezulken huiveren. Want die bewegingen pretenderen niet, zoals weer anderen met een zekere nostalgie denken, van maatschappij te veranderen [zoals men van jas kan veranderen], maar de maatschappij te veranderen: beetje bij beetje, maar wel onomkeerbaar.

Demonstra

Met dit boek beogen wij dan ook een arsenaal van politieke gedachten te vervangen door een gereedschapskist met nieuwe concepten en methodes. Men moet namelijk niet vergeten, dat de heersende politieke visie sterk patriarchaal is ingesteld, met de alomtegenwoordige aanwezigheid van de figuur van de president, de chef, de persoon die weet wat goed is voor anderen.

Er moet dus vanuit een nieuwe politieke vorm worden gedacht die niet georiënteerd is op de machtsvraag. Dit klinkt een beetje irrealistisch als men ziet hoe machtsverhoudingen de hele maatschappij doortrekken. Maar het tegengestelde wordt ineens realistisch als men acht slaat op de details.

Le M: Met hun onverschilligheid voor macht en gelet op hun praktische voorbeelden, doen de beschreven bewegingen denken aan tegen-gemeenschappen zoals kloosters

S.L.: Maar ook als de bewegingen buiten de machtsvraag om werken, betekent dit niet dat ze buiten de maatschappij staan! De monniken zochten niet de confrontatie op met de sociale werkelijkheid en dat is tegengesteld aan de houding die de beschreven bewegingen aannemen. Dat is ook precies de reden waarom zij zich nestelen op publieke plaatsen, zoals het hart van steden – ze eisen het publieke domein op. En daarmee drukken zij uit een prominente plaats in de hedendaagse maatschappij te willen innemen. Dus het gaat niet om wat Thoreau deed, die zich uit de ‘wereld’ terugtrok. Maar toegegeven, waar zij wel aan denken is de ‘kleine gemeenschap’ als een model voor een functioneel ideaal.

[Interview in Le Monde van 5 september 2014; vertaling en bewerking Thom Holterman.]

Aantekening

Het boek over burgerlijke ongehoorzaamheid van Ogier en Laugier, Waarom niet gehoorzamen in de democratie (2010) besprak ik op de site van De Vriije onder de titel ‘Recht op verzet’; klik HIER.

Advertenties
No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s