Skip to content

Actievoeren, Burgerrechten en Spanje 1936-1939

06/07/2016

Kop.BuitenOrde

Met het artikel over ‘Ende Gelände 2016’ heeft het nieuwe nummer van Buiten de Orde (BdO) een treffende opening gevonden. Aan de ene kant geeft het een beeld van acties tegen de exploitatie van bruinkoolmijnen in Duitsland en verbreedt dit tegelijk de opbouw tot een beweging die fossiele brandstof onder de grond wil houden. Aan de andere kant worden die acties in het kader van de rijke traditie van burgerlijke ongehoorzaamheid geplaatst. Dat is belangrijk en wel omdat ook andersoortige acties (naar doel en omvang) passen in dit front maken tegen wat de heersende politiek-economische kaste de bevolking aandoet, oplegt dan wel onthoudt.

Voorkant.BdO.2.16

Het vrije woord

De in dit nummer opgenomen verslagen van verschillende 1 mei-vieringen geven eveneens inhoud aan het verschijnsel burgerlijke ongehoorzaamheid: kiezen voor socialisme is heden namelijk een subversieve daad. En wie van zijn recht op vrijheid van meningsuiting gebruik maakt, zit al gauw in dezelfde sfeer. Overigens blijkt uit het nieuwe nummer van BdO dat het laatste genoemde onderwerp aanleiding geeft tot een kritiek op burgerrechten. Het dilemma is, zoals in een van de twee bijdragen erover wordt aangegeven, het volgende.

Het beschermen van het ‘vrije woord’ betekent tegelijk sponsoren van rijke rechtse politici en toelaten van fascistisch rekruteren. Is het misschien tijd dat anarchisten dit principe opnieuw gaan bekijken, zo vragen de auteurs zich af. Uitgebreid gaan zij op die vraag in. Ik zal daarop in een apart item op deze site langs een andere route op terugkomen. Daarbij zal ik aandacht schenken aan de opvatting die zo’n kleine veertig jaar geleden de Amerikaanse libertaire jurist Lester Mazor in zijn paper ‘Against rights’ (Tegen rechten) huldigde en met wie ik daarover toen in discussie ben geweest.

Ruimtelijk

Ruimtes tegen macht

Intrigerend vind ik het korte artikel van Jan Bervoets over Jonas Staal die een nieuwe wereld helpt te verwezenlijken met publieke ruimtes tegen de macht. ‘Ruimte’ doet iets met mensen. Zo kan die overweldigend zijn met het doel te imponeren; in zo’n geval gaat het dan in ideologische zin om fascisering: de mens moet zich klein voelen. Iets dergelijks is ook terug te vinden in de opstelling van een tribunaal. Zo herinner ik mij nog de plaatsing van de leden van de Commissie gewetensbezwaren militaire dienst (in 1961). Zij zaten, als je binnenkwam, aan het eind van een langwerpige zaal achter een grote tafel. In verhouding moest je dus een eind lopen om, in je eentje, voor die toetsingscommissie te komen.

Het doel van deze opstelling was ongetwijfeld om op de te ondervragen gewetensbezwaarde al bij voorbaat een intimiderende indruk te maken: hier wordt ernst gemaakt met het toetsen van het geweten! Je komt er niet zomaar mee weg! Deze toetsing had natuurlijk ook in een kleinere ruimte aan een ronde tafel kunnen plaatsvinden, waardoor de sfeer van een open gesprek had kunnen ontstaan…‘Ruimte’ is dus niet statisch maar dynamisch; er ‘gebeurt’ iets in de beleving van de mens(en). Het moet voor een architect een verschil uitmaken of hij werkt aan een ruimte die emancipatorische democratie tot uitgangspunt heeft (discussie in open ruimte voor kleine groepen en rotatie van zitplaatsen) of juist één die de plaats van de zittende kaste tot uitdrukking brengt (grote ruimte, fixatie op een centrale orator, elke kaste zijn eigen plek).

Thema Spanje 1936-1939

Dat de Spaanse dictator Franco geen lof verdient, zoals de kop boven een artikel in BdO luidt, lijkt mij duidelijk. Hij was generaal en ingehuurd om een contrarevolutie met geweld te winnen. Beetje raar, vanwege de vanzelfsprekendheid, om een tekst als deze in de context van BdO aan te treffen. Overigens kwam een negatieve beoordeling van Franco al in het maandblad van de PvdA, Socialisme en Democratie, van januari 1962 tot uitdrukking. Maar dat had dan in dat tijdschrift tot doel een andere dictator veren in zijn kont te steken. In het erin opgenomen artikel van E. Brongersma, de toenmalige verheerlijker van dictator Salazar (Portugal), schrijft deze: ‘Wie door Spanje gereisd heeft en dan in Portugal komt, krijgt op het eerste gezicht een indruk van verbluffende welvaart’ (want wat een verschil…). Brongersma schreef voor WO II al lovend over het autoritair corporatistische systeem van Salazar. Hij promoveerde op het onderwerp De opbouw van een corporatieve staat, Het nieuwe Portugal (1940).

In Socialisme en Democratie mocht Brongersma dus twintig jaar nadien nog eens uitpakken over de geweldige economische potentie van dit staatssysteem. Toen het op 25 april 1974 gedaan was met het Salazar-bewind, kondigde de PvdA in een brief aan de leden aan, dat met vreugde was kennis genomen van het omverwerpen van de fascistische dictatuur in Portugal (ondertekend door Relus ter Beek; dat was hem dus niet ontgaan). Evenwel: deze gebeurtenis weerhield diezelfde PvdA er niet van Brongersma nog een tijd als Eerste Kamerlid van de PvdA te laten opereren…

Inmiddels zijn we een halve eeuw verder – en wie weet dit allemaal nog? Eigenlijk is er wat de PvdA aangaat intrinsiek niet veel veranderd. Het kon jarenlang, en tot heden toe, het economische gedachtegoed van het neoliberalisme uitdragen. Grondleggers van die ideologie, zoals Milton Friedman en Friedrich von Hayek, hebben nimmer onder stoelen of banken gestoken, dat zij niet vies waren van dictatuur – het Chili van dictator Pinochet was hun ‘speelveld’. Kortom, je moet er wat over hebben om in het regeringspluche te zitten. Wat dat aangaat, is tijdens de periode van de Spaanse burgeroorlog eveneens een onverkwikkelijk proces te traceren. Peter Storm schrijft er een interessante beschouwing in BdO over.

André Prudhommeaux

André Prudhommeaux

Hij doet dat onder de titel ‘Anarchisten als regeringspartij. Over een gevaarlijke en contraproductieve logica’. Anarchisten hebben geen regeringsdeelname maar machtsvorming van onderop nodig tegen welke regeringsmacht van bovenkomend dan ook. Sociale revolutie wordt, steunend op een massabeweging, zonder politieke of voorhoede partij en buiten de staat om, gevoerd. De sociale revolutie, wil die kunnen uitbreken, vereist decennia van voorbereiding en dan nog is een overwinning niet vanzelfsprekend. Hoe en wat er daarbij fout kan gaan, leert de beschouwing in BdO over de Spaanse revolutionaire periode van ‘36-’39 van André en Dori Prudhommeaux.

Verder in dit nummer

Het nummer behandelt meer onderwerpen dan hier boven genoemd. In de sfeer van revolutie en burgeroorlog baart de situatie van de Koerden in Turkije grote zorg met een Turkse president, die in fascisering steeds verder gaat. Toen ik onlangs over place de la République (Parijs) liep, stond ik even te praten bij de stand van het ‘Comité voor de bevrijding van Öcalan’. Het was op dat moment in Parijs 34 ºC maar je wordt koud van het verhaal. ‘All quiet on the Kurdisch front’ kopt BdO onderkoeld… de inhoud van het artikel maakt evenwel het tegendeel duidelijk. Verder is nog informatie te vinden ondermeer over acties tegen de opkomst van extreem rechts (Pegida) en de actie ‘Geen kind aan de kant’.

Thom Holterman

BUITEN DE ORDE, nummer 2, 2016, 72 blz., prijs 2,50 euro.

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: