Skip to content

Zapatistisch Onderwijs En Oppositie Tegen Neoliberalisme

27/11/2016

cultuur

In de eerder op deze site besproken bundel The radicalization of Pedagogy treft men de bijdrage van Levi Gahman aan. Daarin worden twee elkaar afstotende verschijnselen aan de orde gesteld: neoliberalisme en zapatisme. Het belang van zijn bijdrage is diens behandeling van het soort onderwijs dat zapatisten hebben opgezet. Dat houdt namelijk voor een aantal elementen verband met de wijze waarop in anarchistische kring over dat onderwerp wordt gedacht. Hetzelfde geldt overigens zonder meer voor de afwijzing van het neoliberalisme. Hier onder vat ik Gahman’s bijdrage op deze hoofdpunten samen.

Gahman heeft meer dan een half jaar in het zapatistische rebellengebied in Chiapas gewoond en tussen de bewoners gewerkt. Gahman promoveerde op een onderwerp dat binnen de gender studies en ‘human geography’ valt – wat zijn benadering van de problematiek richting gaf.

Neoliberalisme: regime van een onhoudbare waarheid

Het liberale denken over de burgerlijke maatschappij concentreert zich op de poging om geloofwaardig te maken dat individualisme, wedijver (competitie, concurrentie) en cumulatieve toe-eigening tot de natuurlijke orde der dingen behoort. Dit is een onhoudbare waarheid omdat de ‘natuurlijke orde der dingen’ oneindig ruimer dient te worden opgevat. Er is geen enkele reden om collectivisme, coöperatie en wederkerig dienstbetoon buiten de ‘natuurlijke orde’ te houden. Het liberalisme reduceert die zogeheten ‘natuurlijke orde’ om een bijzondere reden. Het wil haar ‘geloofsysteem’ laten drijven op een tot paniekleidende bedreiging van het individu. Het idee is dat individuen niet willen behoren tot hen, die in het leven niet succesvol zijn en wat tot paniek en stressgevoelens aanleiding geeft. Het neoliberale systeem blijkt dan ook ziekmakend (Gahman spreekt over ‘panic-inducing threat’).

celine-school-revo

Het betreft een dreiging waar kinderen al vanaf de kleuterschool mee worden opgezadeld: je moet beter zijn dan de andere kinderen anders lijk je een ‘losertje’. Cito-toetsen en meer van dit soort testen ondersteunen die dreiging quasi neutraal en zogenaamd wetenschappelijk verantwoord, terwijl het ideologisch gestuurde controle elementen zijn. [De waarschuwing uit anarchistische kring dat het kapitalistische onderwijs ziekmakend is, werd onlangs weer bevestigd, nu door de geradicaliseerde Franse pedagoge Céline Alvarez: ‘40 % van de Franse kinderen die de hoogste klas van de lagere school verlaten, vertonen zúlke problemen dat zij niet kunnen doorstromen naar normaal vervolgonderwijs (collège), dat wil zeggen 300 000 kinderen worden elk jaar ‘opgeofferd’. U vindt dit misschien normaal; ik weiger dat normaal te vinden!’, zegt zij in een videopresentatie. Onlangs kwam over deze problematiek een boek van haar uit onder de titel Les lois naturelles de l’enfant. Het wordt tijd het schoolsysteem radicaal te veranderen, meent zij (révolutionner l’école); thh.]

Het neoliberalisme bouwt hierop voort door te suggereren dat het menselijke bestaan geworteld is in het verlangen naar het halen van voordeel uit wedijver, naar cumulatieve bezitsvorming, naar het leggen van een claim op kennis, naar verwerven van macht. Het gaat hier steeds om kapitalistische sociale relaties (kan ik wijzer worden van die relatie). De neoliberale logica houdt voor dat er in de wereld niets meer is dan markt waarin alles en iedereen kan worden ge- en verkocht. De neoliberale discours heeft de spelregels zodanig weten te veranderen in de loop der jaren, dat we, om te overleven, het spel in termen van kapitalisme moeten spelen. Deze stand van zaken vormt voor Gahman het startpunt van zijn confrontatie van het neoliberalisme en het zapatisme.

Gahman verschaft een overzicht van wat het zapatisme inhoudt en hoe zapatisten hun autonome educatieve praktijk hebben ontwikkeld tegenover de praktijk van het neoliberalisme. Daarvoor gaat hij ook in op hoe hedendaagse universiteiten extreem individualisme en marktgeoriënteerde leerstukken opleggen aan studenten. Om dit te praktiseren worden docenten geprest een onderwijs met een dergelijke inhoud te verzorgen. Zapatisten hebben daarentegen een educatieve praktijk ontwikkeld waarbij zij zich richten op autonomie, collectieve verrichtingen en wederkerig dienstbetoon. Mocht het verwijt komen dat zij hun onderwijs hebben opgezet vanuit een ideologie, dan komt dit verwijt als een boemerang in het neoliberale kamp terug.

Onthaasting

slak

De zapatisten zijn zowel georganiseerd als geduldig. Een deel van hun rebellie is gebaseerd op het verwelkomen van internacionales (zapatistische sympathisanten, organisatoren, onderzoekers, docenten, aanhangers, etc. van over de hele wereld). Het betoonde geduld komt tot uitdrukking met het woord caracol, slak, slakkenhuis. Het is ook het woord voor gemeenschapscentrum. Er bevinden zich vijf van deze caracoles verspreid over Chiapas. De spiraalvorm van het slakkenhuis vormt een symbolische uitdrukking van het zapatistische circulaire, niet-hiërarchische levensritme, van de bescherming van hun gemeenschappen en van de ‘slowness’ de onthaasting van hun rebellie (er is geen plaats voor revolutionair ongeduld).

Gahman citeert de voormalige subcommandant Marcos, die eens opmerkte dat zij de anarchistische gedachte bewonderden, maar dat het duidelijk is dat zij geen anarchisten zijn, die zij wel prijzen. Gahman waagt dan ook te spreken over de gemeenschappelijke grond van anarchisme en zapatisme. Tegenover het mondiale kapitalisme wordt de zapatistische leus gezet: alles voor iedereen, niets voor ons. Het schuift wederkerig dienstbetoon, coöperatie en onbaatzuchtigheid naar voren. Dat weerspiegelt verschillende stromingen die door vele anarchisten tot uitdrukking zijn gebracht. Maar wat doet de naamgeving ertoe?

Veel aspecten van de zapatistische rebellie blijken sterk anarchistisch, maar veel van hun acties hebben ook een marxistische, communistische, feministische, socialistische, bevrijdingstheologische signatuur. Hun strijd loopt al meer dan vijf honderd jaar en van elke periode is wel het een en ander aan ondergane invloed blijven hangen. Gahman sluit dit af met de opmerking dat het duidelijk is, dat zapatisten en anarchisten zich op gemeenschappelijke grond bevinden, in het bijzonder wat hun strijd tegen het neoliberalisme aangaat.

Kamelen

 

Neoliberalisme als destructieve leer

‘Wanneer de laatste boom geveld is, de laatste rivier vergiftigd, de laatste vis gevangen, wel dan zal u ontdekken dat geld niet te eten is’. Dit oude gezegde is afkomstig van de indianenstam de Cree – de grootste van de oorspronkelijke bevolkingsgroepen in Canada. Zij hebben een aantal eeuwen geleden gezien hoe vernielzuchtig en uitsluitend op winstbejag uit zijnde koloniale blanken, in hún gebieden huishielden. Het gezegde weerspiegelt wat wij heden in optima forma meemaken, zien, ervaren: de destructieve leer van het neoliberalisme aan het werk. Alles wordt in geld gedacht. Zelfs ‘time is money’, dat wil zeggen: we hebben geen tijd meer. Wat al snel gaat, moet nog sneller gaan.

Ook de sociale relaties en het privéleven ontsnappen niet aan de neoliberale leer. Diens retoriek prijst kapitalisme aan als natuurlijk en normaal omdat het een onbevooroordeelde en objectieve dynamiek zou leveren voor de werking van vrije markten, waar onpartijdig wordt beslist wie succesvol is en wie faalt. Individuen worden in dit systeem van denken gedwongen om zich als ding te beschouwen, als een set van bekwaamheden dat op de markt gekocht, verkocht en in omloop gebracht kan worden. Scholing is in die optiek een systeemproces tot ‘verdinglijking’. Geen mens blijft ervan gevrijwaard. De mens is een kostenplaatje.

Gahman beschrijft in het licht van het voorgaande het dagelijkse en universitaire leven als volstrekt gefragmenteerd in ‘essentialist stereotypes and reductionist classifications’. Die classificaties dienen mede om de (universitaire) bureaucratieën van ‘gegevens’ te voorzien ter controle van de activiteiten op de universiteiten en elders (‘monitoren’). In feite is daarmee alle leven uit menselijke activiteiten in de gemonitorde omgeving gehaald – wat past bij verdinglijking. Toch is de situatie niet hopeloos. Ondanks de systematische, destructieve manieren waarmee opgelegd gezag en uitgeoefende druk zich manifesteert, zullen zij die zich ziek gemaakt voelen elkaar vinden – en de zaken vertragen (‘slow things down’). Want elkaar vinden, zich met elkaar verbinden, voor elkaar zorgen onder omstandigheden van overheersing, dat vormt vaak haarden van verzet. Ten opzichte van het neoliberalisme ontstaat mutuality in resistance (samen sterk in verzet).

verzet-zap

Zapatistisch verzet

Ruim twintig jaar geleden, op 1 januari 1994, deed zich een zapatistische uitbarsting voor. De datum is symbolisch omdat toen eveneens het ‘North American Free Trade Agreement’ in werking trad (NAFTA; een vrijhandelsverdrag tussen Canada, USA en Mexico). Het verdrag bracht een diepere inplant in Mexico van het reeds gehate neoliberalisme. De zapatistische uitbarsting werd geleid door het Nationale Zapatistische Bevrijdingsleger (EZNL). Haar succesvolle actie was het resultaat van een jarenlange clandestiene voorbereiding in de hooglanden van Chiapas. Zapatistische strijders verdreven rijke grootgrondbezitters van hun land, dat zij (ooit) hadden ontnomen aan de inlandse bevolking.

Natuurlijk ging de federale regering van Mexico over tot een contraopstand (counterinsurgency). Na gevechten waarbij honderden doden vielen, werd er een wapenstilstand van kracht en werden er onderhandelingen geopend, wat in 1996 leidde tot de Akkoorden van San Andrés. Deze akkoorden legden vast, dat de Mexicaanse staat de inheemse rechten op delen van het land, autonomie en respect erkende. De federale regering weigerde echter die akkoorden uit te voeren. Kortom, de zapatisten zijn nog steeds doelwit van fysiek geweld, politieke onderdrukking, paramilitaire agressie gestuurd vanuit de Mexicaanse regering en haar leger.

Het antwoord van de zapatisten op deze contraopstand is geweest nooit afhankelijk te willen zijn van de staat en zijn bureaucratie. De afwijzing van elk aanbod van hulp van de regering is beslissend voor hun verzet. Ondanks dat zij de wapens tegen de regering hebben opgenomen, zijn hun meest machtige wapens om invloed tegen het neoliberale geweld uit te oefenen, niet het geweer en de kogel, maar hun woord en autonomie.

De autonomie van de zapatisten richt zich op collectief werk, het uitdragen van waardigheid en respect. ‘Gemeenschap’ wordt door hen gezien als zeer waardevol. De zapatisten gaan voort in hun verzet door het instellen van sociale relaties op basis van wederkerig dienstbetoon, gelijke relaties van mensen en vrouwen, horizontaal bestuur en een solidaire economie. De zapatisten hebben ten behoeve van hun verzet een aantal eisen opgesteld. Een ervan is educatie.

Zapatistisch autonoom onderwijs

land-en-vrijheid

Zapatistisch onderwijs is een doorlopend proces van ‘community-based praxis’ gecentreerd rond hun beruchte leus Land en Vrijheid. Dit betekent dat hun pedagogie plaatsgebonden en geografisch gesitueerd is. Het is ook geworteld in de politieke strijd, het bewustzijn van onrechtvaardigheid en een streven naar sociale verandering, zo leest men bij Gahman. Daarmee loopt het parallel met pedagogen uit de anarchistische kring. [Daarover leverde de Franse libertaire pedagoog Hugues Lenoir in 2012 tijdens de internationale anarchisten ontmoeting in Saint-Imier (Zwitserland) een overzicht onder de titel ‘Opvoeding en onderwijs in de libertaire traditie’; thh.] Zij allen richten zich zowel op sociaal onderdrukten en hoe die het doelwit blijven van onderdrukking, als houden zij zich bezig met het vinden van wegen voor collectieve arbeid met het oog op bevrijding van overheersing. Het werpt tegelijk licht op de gewelddadige tegenstellingen, de hypocrisie en de paradoxen, die voortvloeien uit kapitalistische, koloniale en patriarchale systemen.

Het zet zapatisten er toe aan te investeren in leren, organiseren en spreken ‘vanuit de basis en links’. In een context van armoede en onderdrukking kan onderwijs nooit politiek neutraal zijn – en dat is het neoliberale onderwijs dus ook niet. De autonome rebellenscholen die de zapatisten hebben opgebouwd, stralen de geest van verzet en de praktijk van de vrijheid uit, waarbij zij gelijktijdig openlijk het door de staat ingestelde kapitalistische onderwijs verwerpen.

Lagere school

                             Lagere school

Het in de zapatistische gemeenschappen verzorgde (primaire) onderwijs beperkt zich tot kerndoelen als lezen, schrijven, rekenen en wetenschap. Daaraan wordt toegevoegd (a) de revolutionaire geschiedenis van Mexico, (b) elke regio richt zich mede op de eigen inheemse taal en gewoontes, (c) anti-konsumentistische perspectieven wat land en natuur aangaat, (d) gelijkheid van mannen en vrouwen door middel van de zapatistische ‘Women’s Revolutionary Law’ en (e) de context van de zapatistische strijd. Op het primaire onderwijs volgt nog een fase van secondair onderwijs.

Omdat zapatisten vaak naar het kapitalisme verwijzen als een destructieve ‘hydra’ (een veelkoppige draak; er wordt ook over ‘hydra kapitalisme’ gesproken), onderwijzen hun scholen niet ondernemerschap, individualisme of wedijver. Liever worden de lessen zo ingericht, dat ze ondermeer collectief werken stimuleren evenals wederkerig dienstbetoon, kritisch denken, bijdragen aan zelfreflexie, het ontwerpen en onderhouden van een moestuin.

Moestuin

                     Moestuin

In het zapatistische onderwijssysteem bestaat geen onderscheid of rangorde onder docenten. Een ieder is ‘educatieve bevoorderaar’ (education promotor). Het maakt een overmaat van bureaucratie overbodig als mede elimineert het vertikaal gegroepeerde rangen en standen. Daardoor behoort ook carrièristisch gedrag tot het verleden. Het onderwijs wordt eveneens zoveel mogelijk buiten de fysieke plaats van een klaslokaal verzorgd. Omdat het zapatistische onderwijs het door de staat georganiseerde onderwijs ontwijkt, kan het geworteld zijn in het verdedigen en beschermen van haar lokale inheemse tradities en identiteit. Langs die weg hebben de zapatisten effectief de dekoloniserende prakrijk in elk aspect van hun onderwijs weten onder te brengen, aldus Gahman. Daardoor is er kans gezien, dat dekolonisatietheorieën tot leven zijn gebracht. En dekolonisatie betekent hier ook: antikapitalistisch.

Allerlei typisch kapitalistische elementen als het gebruik van hiërarchische schema’s van beoordelen zijn in onbruik geraakt. Leerlingen worden niet meer gestraft als ze iets ‘fout’ hebben gedaan. Er worden geen eindcijfers meer gegeven en geen graden gebruikt om studenten met elkaar te kunnen vergelijken. Op die manier willen zapatisten aangeven dat ‘leren’ noch een competitie is noch iets eindigs. Aldus hebben de zapatisten hun onderwijssysteem gedekoloniseerd door schaamte in het onderwijsproces te elimineren. ‘Leren’ is een gedekoloniseerde, anti-patriarchale en situationele leerervaring. Het levert een inspirerende ‘mogelijkheid’ op, aldus Gahman. Er is dus wel degelijk een alternatief – ondank dat het neoliberale kamp het tegendeel beweert.

Thom Holterman

[Geschreven op basis van Levi Gahman, ‘Zapatismo versus the Neoliberal University’, in: Simon Springer e.a. (red.), The Radicalization of Pedagogy, London/New York, 2016, p. 73-100).]

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: