Skip to content

‘68’ Opgenomen In Het Collectieve Geheugen

01/07/2018
tags:

             De strijd gaat door

Geschiedenis schrijven is een vak waarbij uiteenlopende methodes gevolgd kunnen worden. Dat geldt ook als het gaat om de beschrijving van de acties, de sociale bewegingen en de effecten van een revolte die in mei-juni 1968 in Frankrijk plaats vond. Beschrijven is ook keuzes maken. Dat blijkt onder meer als men overziet wat er inmiddels zoal over ‘mei 68’ in boekvorm en tijdschriften over die revolte van vijftig jaar geleden is verschenen. Hieronder besteed ik aandacht aan een boek over dit onderwerp dat tien jaar eerder voor het eerst uit kwam en nu opnieuw is uitgegeven. De titel ervan luidt 68 Une histoire collective 1962-1981. Het kent twee samenstellers, Philippe Artière en Michelle Zancarini-Fournel. Meer dan zeventig auteurs leverden er hun specifieke bijdragen aan. De twee samenstellers, historici, schelen aanmerkelijk in leeftijd. De laatste, Michelle, studeerde in Nanterre geschiedenis in 1967-1968 en zij maakte alles bewust mee. De eerste, Philippe, werd geboren in het voorjaar van 1968. De overige meewerkende auteurs zijn historici, sociologen, journalisten, economen, filosofen, enz. Zij allen hebben gewerkt aan onderdelen van de context van twintig jaar met betrekking tot het ‘oog’ van de storm: mei 68. Hoe is dit boek als een ‘gebouw’ opgetrokken?

Architectuur van een boek

Hoewel de jaren 1968 slechts vijftig jaar terug liggen, komt deze periode onze tijdgenoten net zo vreemd voor als de Commune van Parijs, aldus veronderstellen de samenstellers. Het merendeel van de deelnemers aan ‘mei 68’ is echter nog in leven, maar het decor, het erachter liggende gebied is geheel verdwenen. ‘68’ is een fantoom geworden. Men moet zich een ‘architectuur’ verbeelden om ‘68’ te begrijpen, schrijven zij. Het gaat dus om het verstrekken van een voorstelling van de historische omgeving. Hoe doe je dat? De samenstellers hebben ervoor gekozen die voorstelling tussen twee historische mijlpalen te zetten. De eerste is de Franse intreding in het postkoloniale tijdperk (akkoorden van Evian, einde van de oorlog met Algerije, 1962). De tweede bevindt zich twintig jaar later. Het is het moment van het aan de politieke macht komen van links (verkiezing van Mitterrand tot president, 1981). Welke gebeurtenissen van sociaal herkenbare soort gingen aan mei-juni 68 vooraf en aan welke gebeurtenissen in positieve en negatieve zin is af te lezen dat het kernmoment zijn effecten had?

Ten behoeve van een zekere betrouwbaarheid van geschiedschrijving is bronnenonderzoek noodzakelijk. Voor het maken van het boek is dan ook gebruik gemaakt van allerlei archieven, van persoonlijke zowel als van geïnstitutionaliseerde (bibliotheken, het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis te Amsterdam, het Centre des archives du monde de travail te Roubaix, opgericht in 1993). Voor de selectie van het materiaal en de geordende verwerking ervan is de tekst (het gaat om een boek van meer dan 800 bladzijden) in vier delen periodisch opgebouwd. Het eerste deel bestrijkt de periode 1962-1968. Het is de aanloop. Het tweede deel beweegt zich rond mei-juni 1968, het epicentrum van waar het allemaal om te doen is, de manifeste revolte. Het derde deel is het meest omvangrijke en behandelt de jaren na mei-juni 1968 tot 1974. Het is een bijzondere periode waarin allerlei politieke effecten tot uitdrukking komen in een geheel van onderling zeer verschillende bewegingen. Dan treedt er een (politieke) crisis met zijn gevolgen op. Die komt in de beginjaren 1980 ten einde. Deze periode vormt het vierde en tevens laatste deel.

Gestandaardiseerde rubricering met verschillende inhouden

De periodisering levert een nog te grofmazige behandeling op van wat er allemaal betreffende de ‘jaren 1968’ gaande was. Daarom is elke van de vier periodes opgetrokken in een identieke structuur. Die kent zeven gelijksoortige rubrieken. De eerste rubriek draagt de naam ‘Verhaal’. Daarin wordt de rode draad van de periode beschreven, waarvoor telkens als enige auteur Michelle Zancarini-Fournel tekent. In het ‘Verhaal’ over de eerste periode komt onder meer de Vietnamoorlog aan de orde als kristallisatiepunt van radicale, activistische jongeren. Het ‘Verhaal’ voor de tweede periode gaat over hoe in mei het ‘quartier Latin’ het centrum van manifestaties vormt, zonder daarbij de echo’s uit de provincies te vergeten. Enkele weken later, in juni, komen de stakingen en bedrijfsbezettingen erbij. De politieke ‘macht’ stuurt aan op een republikeins compromis. Het ‘Verhaal’ voor de derde periode signaleert het aanhoudende verzet en de uitwerking ervan. De bevrijding van de vrouw organiseert zich. De ‘reactie’ wordt wakker. Het ‘Verhaal’ voor de vierde periode draagt als titel ‘Het begin van het eind’. Sommige veranderingen zetten zich door, maar vormt niet de crisis de horizon van een oplossing? De constructie van een nationaal probleem vindt plaats: de migratie…

De tweede rubriek heet ‘Film’ en wordt voor alle periodes verzorgd door Antoine de Baecque, historicus en filmcriticus (aan de orde komt de vraag welk soort films of regisseurs zetten hoe en waarom de toon in een bepaalde periode; geopend wordt met een film van Jean-Luc Godard). De derde rubriek is ‘Objecten’. Elke periode kent zo zijn eigen kenmerken. Het is telkens een aantal auteurs die daaraan (korte) bijdragen hebben geleverd hebben, zoals in de eerste periode ‘De gitaar: pop, rock en protest song’ (Bertrand Lemonier), ‘De minirok, een stoffenrevolutie’ (Julien Hage) en de ‘LSD, hyppies en Californië’ (Laurent Chollet). Elke periode kent wel zijn eigen kenmerken, die binnen de rubriek worden belicht, bijvoorbeeld: traangas, gummiknuppel, transistor.

De vierde rubriek is getiteld ‘Elders’. Hoewel Frankrijk in boek het uitgangspunt is, wil dat niet zeggen dat het in de rest van de wereld stil is. Wat is er in andere landen aan de hand dat met mei 68 in verband is te brengen? Gelet de eerste periode valt op te merken dat: de ‘Derde wereld’ in gevecht is (Julien Hage), dat in de Verenigde Staten van Amerika de burgerrechten beweging van zich laat horen (Thomas C. Holt), het de vraag is of de Japanse Zengakuren niet een model leveren voor westerse studenten (Alain Brossat). In deze rubriek schrijft ook de Nederlandse historicus Niek Pas ‘Nederland en de provo’s in de jaren 1966’. Het laat zich raden dat in volgende periodes de invullingen van deze rubriek heel andere voorbeelden uit het buitenland aan de orde komen, zoals de Italiaanse Rode Brigades en de Duitse Rote Armee Fraktion (twee voorbeelden uit de derde periode).

De vijfde rubriek draagt als oormerk ‘Plaatsen’. Waar gebeurt wat, dat voor de betreffende periode bijzonder is? Dat kan zowel een persoonsgebonden kwestie betreffen (‘De psychoanalyse en het seminar van Lacan’, door Jean-Christophe Coffin) als de oprichting van een linkse universiteit (‘Vincennes 1969-1974: tussen wetenschap en utopie’, door François Doss). Het kunnen plaatsen zijn waar conflicten worden uit gevochten (plaatselijk, de horlogefabriek Lip in Besançon; nationale mobilisatie, in de Larzac, streek in het Centraal Massief, naar aanleiding van de uitbreiding van een militair terrein, door Xavier Vigna).

In elk van de vier periodes komt men Acteurs tegen, dat wil zeggen zij die door gezamenlijk optreden als groepen zowel als sociale bewegingen een bepaald soort activisme – van zeer uiteenlopende soort – bedrijven. De ‘Acteurs’ (soms ook een enkele persoon) vormen de zesde rubriek. Daaronder komt men configuraties tegen als ‘De (vrijwillige) correspondent-fotografen van L’Humanité’, het Franse socialistische daarna communistische dagblad, (Vincent Lemire en Yann Potin) naast een ‘Portret van twee feministen, Jacqueline Feldman en Anne Tristan en de oprichting van Mouvement de Libération des Femmes’ (Philippe Artières) en ‘De feministische opstand’ (Florence Rochefort). In de laatste periode ziet men als ‘Acteurs’ bijvoorbeeld verschijnen ‘<De nieuwe filosofen> of het einde van de intellectuelen’ (François Cusset). Een bijzondere vermelding krijgt van mij de bijdrage ‘De juristen van 68: verdediging, eisen, organisatie – 1968-1974’ (Liora Israël). Juristen liggen gemeenlijk niet lekker bij activisten en in woelige tijden, omdat zij per definitie ervan verdacht worden aan de kant van de macht te staan. Maar het kan verkeren weet ook elke activist als hij of zij in de handpalm of op de arm met balpen het telefoonnummer van een geëngageerde advocaat schrijft. In de periode 1968-1974 vormde een groep juristen dan ook de ‘Juridische Actiegroep’ later omgedoopt in ‘Juridische Actie Beweging’. Tot in de Franse juridische faculteiten vond mobilisatie plaats, lees ik bij de juriste en docente van de EHESS te Parijs, Liora Israël.

De zevende en laatste rubriek heet ‘Dwarsverbanden’. De bijdragen in die rubriek ondergebracht, hebben tot doel een bepaald verschijnsel met wat bijzonderheden te verdiepen. Zo weet iedereen dat er in woelige tijden veel wordt gepubliceerd. Daar kunnen om bepaalde redenen uitschieters bij zitten. Niet vreemd dus in die rubriek in een bepaalde periode tegen te komen: ‘De nieuwe pers: van Hara-Kiri tot Libération’ (Jean Guisnel) of in het kader van het algemene filosofendebat ‘Sartre-Foucault: men verandert van intellectueel’ (Judith Revel). Waar de studentenactie zich uitbreidt en de sociale beweging zich door deelname van jonge arbeiders verbreedt, ligt het voor de hand een bijdrage in deze rubriek te vinden, getiteld ‘Ongehoorzaamheid en politisering van arbeiders: fabrieksbezettingen’ (Xavier Vigna). De laatste bijdrage in de laatste periode is redelijk toepasselijk ’68 na 68: van verzet in het verleden tot crisis van de toekomst’ (Robert Frank).

In het boek is een onbenoemde rubriek te vinden die ik de naam geef Beeldmateriaal. Het gaat om de opname van een kleine honderdtal, tot dan toe ongepubliceerde foto’s uit de jaren 1968. Ze zijn van de hierboven genoemde (vrijwillige) correspondent-fotografen van L’Humanité, die alleen in negatief zijn bewaard. Er zal nog heel wat onderzoekswerk gedaan moeten worden om de verschillende fotografen ervan uit de anonimiteit te halen.

Lof komt toe aan de samenstellers en de uitgever van dit boek voor het opnemen van een uitgebreid namenregister, iets dat gemeenlijk in Franse boeken ontbreekt. Het boek is vooral een vraagbaak en een dergelijk register brengt je dan een eind op weg door het boek.

Provo en situationisten

In het boek ben ik heel wat details tegengekomen die mij onbekend waren. Het zal menig lezer zo vergaan. Ik laat dit rusten op één punt na. In mijn boek Anarchisme in de Lage Landen (Utrecht, 2017) bespreek ik mede de activiteiten van Provo. In de Franse literatuur komt men aandacht voor de relatie tussen Provo en de situationisten tegen. Een (rechts) Frans dagblad ging ooit zover te beweren dat de provo’s niets nieuws hebben uitgevonden. Ze zouden het allemaal van de situationisten hebben, werd beweerd. In mijn boek betoog ik beargumenteerd (p. 111-113), dat die bewering onhoudbaar is. In het hier besproken boek vond ik enkele opmerkingen die mijn visie ondersteunen.

Ik wees zelf al op het weinig bekend zijn in Nederland van de situationisten vóór de provotijd (1965-1967). In de rubriek voor de eerste periode (het ‘Verhaal’) schrijft Michelle Zancarini-Fournel de zin: ‘De literatuur [die van de situationisten] bleef relatief vertrouwelijk tot een handvol studenten zich ‘situationisten’ verklaarde’ (p. 37). En dat was bij het ‘Schandaal van Straatsburg’, 1967… Verderop in haar tekst meldt zij nog dat libertairen van buiten Frankrijk vruchtbare ontmoetingen met Franse studenten hadden. De modellen die de laatsten volgden, kwamen van over de grens, wat zij vervolgens verduidelijkt met ‘van Engelse pacifisten, Italiaanse arbeiders en vooral van de Hollandse provo’s, aan wie zij hun tactiek ontleenden om door provocaties het gezag uit te dagen en hun radicale kritiek op de verstarde structuren’ (p. 56).

Thom Holterman

ARTIÈRES, Philippe et Michelle Zancarini-Fournel (red.), 68 Une Histoire collective 1962-1981, Éditions La Découverte, Paris, 855 blz., met 92 niet eerder gepubliceerde foto’s, voorzien van namenregister, prijs 29 euro.

Advertenties
No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

%d bloggers liken dit: