Spring naar inhoud

Over Proudhon’s Kritiek Op Eigendom En Aandacht Voor De Commons

28/10/2018

De Franse politicoloog en filosoof Édouard Jourdain houdt zich al jaren bezig met het anarchisme en in het bijzonder met Pierre-Joseph Proudhon (1809-1865). Zo publiceerde hij onder meer Proudhon, Un socialisme libertaire(Paris, 2009). Onlangs kwam van hem uit Proudhon contemporain (Paris, 2018) [Proudhon nu]. Naar aanleiding van het verschijnen van dat boek nam de site Le Comptoir een uitgebreid vraaggesprek met Jourdain op, waaruit ik een aantal fragmenten vertaalde en hier publiceer. Le Comptoir geeft aan dat Jourdain de relevantie van ‘de vader van het anarchisme’ toont, door hem te confronteren met denkers van de afgelopen decennia. Dit lijkt mij een goed uitgangspunt omdat op die manier ook de elementen die verouderd of verwerpelijk zijn, gekritiseerd kunnen worden zonder het kind met het badwater weg te gooien. Het gaat dan om zaken die in onze tijd het overdenken waard zijn en waarvan de bruikbaarheid binnen het libertaire denken in het heden is te bediscussiëren. [ThH]

Proudhon geschilderd door Courbet (1853, 1865).

Le Comptoir: Bij elkaar genomen lijkt Proudhon minder populair dan bijvoorbeeld Bakoenin of Kropotkin in libertaire kringen. Hoe zit dat?

Jourdain: ‘Wat de plaats van Proudhon in de libertaire beweging betreft, denk ik dat er verschillende verklaringen zijn voor diens soms ondergeschikte plaats in relatie tot Bakoenin of Kropotkin, hoewel het noodzakelijk is om dit in perspectief te plaatsen. Proudhon is altijd beschouwd als een belangrijke denker, al was het maar omdat hij de eerste was die een positieve anarchie onderscheidde van wanorde. Maar ja, ten eerste kan Proudhon niet bogen op de verdienste van eenduidigheid omtrent bijvoorbeeld concepten als eigendom en de staat. Door te spelen met nuances kan hij de activist in verwarring brengen. Dan hebben zijn bijziendheid waar het om feminisme gaat en zijn antisemitische standpunten in zijn nadeel gewerkt. Dat brengt ons bij de derde reden: Proudhon is een moeilijk leesbare auteur. Zo heeft hij nooit een samenvattend boek geschreven en vaak zitten diens ideeën verstrikt in de debatten van zijn tijd. Die zijn soms verouderd of lijken bij lezing op zijn minst ontmoedigend. Kropotkin en Bakoenin zijn in dat opzicht veel gemakkelijker te lezen dan Proudhon.’

Le Comptoir: In het eerste hoofdstuk kom je terug op het onderscheid tussen negatieve anarchie en positieve anarchie bij Proudhon. In Solution du problème social stelt hij echter dat ‘de republiek een positieve anarchie is’. Kan het anarchisme van Proudhon een link vormen tussen republicanisme en libertairisme?

Jourdain: ‘In zijn eerste boek over eigendom [Wat is eigendom?,1840; in het Nederlands vertaald] verklaarde Proudhon dat hij geen democraat was (maar anarchist ), maar dat hij geen probleem had met de term republikein, aangezien het res publica niets anders is dan de publieke zaak. Hij voegde eraan toe dat zelfs een monarchist een republikein kan zijn, dat wil zeggen dat het in de eerste plaats gaat om de publieke zaak, of het algemeen belang. Op deze manier kunnen republicanisme en libertairisme (niet te verwarren met het kapitalistische libertarische individualisme dat van over de Atlantische Oceaan tot ons komt) inderdaad worden gecombineerd. Alles hangt dus af van wat men in de term republiek onderbrengt; de term heeft namelijk een ‘vloeiende’ betekenis, die veel tegenstrijdige opvattingen kan bevatten. Wanneer bijvoorbeeld de republiek synoniem is met autoritair etatisme, bevinden we ons niet langer in lijn met het denken van Proudhon.’

Le Comptoir: U komt terug op het federalisme van Proudhon, dat kan worden omschreven als ‘integraal’ (Alexandre Marc). Maar is het realistisch om het om te zetten naar een postnationaal tijdperk, waar supranationale organisaties (Europese Unie, IMF) en multinationale ondernemingen het kapitalisme domineren en waar het sociale stelsel volledig geatomiseerd is?

Jourdain: ‘Juist omdat we ons in een postnationaal tijdperk bevinden, zowel politiek als economisch, is het integrale federalisme van Proudhon zo actueel! Aangezien problemen niet kunnen worden opgelost op het niveau van de natiestaat, wordt het noodzakelijk om de meest geschikte schaalniveaus te vinden.

Het huidige probleem is dat we vastzitten aan tegenstrijdigheden die de indruk wekken dat we terug moeten keren naar de natiestaat: Europa is gebouwd op het model van de staatsbureaucratie met het doel de kapitalistische markt te bevoordelen; grote bedrijven zijn aan politieke controle onttrokken; decentralisatie vindt vaak alleen plaats om de particuliere sector meer vrijheid te geven, enz. Het probleem is dat dit hele proces plaatsvindt met de zegen of zelfs op initiatief van de natiestaat. Het is dus paradoxaal om oplossingen te vragen voor de oorzaak van het probleem. Het federalisme maakt het mogelijk om de verschillende schalen opnieuw tot uitdrukking te brengen: de gemeente, de regio, de natie, Europa en zelfs de wereld door het instellen van een echte democratische controle over politiek en economie, waarbij de besluitvorming na overleg terugkeert naar boven volgens een subsidiariteitsbeginsel dat zijn volle betekenis krijgt.’ [Subsidiariteitsbeginsel: het hogere niveau moet niet iets doen waartoe het lagere niveau in staat is; thh.]

Le Comptoir: Heeft Proudhon tegenwoordig nog erfgenamen?

Jourdain:‘Proudhon heeft een erfenis nagelaten waarvan de ontvangst, afhankelijk van de context, veelvoudig en meer of minder belangrijk is. Zijn invloed was groot aan het begin van de Eerste Internationale, maar ook ten tijde van de Commune van Parijs in 1871, waar verschillende van zijn ideeën werden aangedragen door mensen als Courbet, Vallès of Varlin. Het gaat dan om het federalisme van de gemeenten, het zelfbeheer van de werkplaatsen of de directe democratie.

Aan het einde van de 19e eeuw was het revolutionair syndicalisme en anarchosyndicalisme dat Proudhon weer in de schijnwerpers zette, vooral met Georges Sorel, Edouard Berth en Pelloutier. Er was een moment waarop zelfs monarchisten geïnteresseerd bleken in Proudhon om de burgerlijke republiek omver te werpen, vooral omdat zij in zijn kritiek op het feminisme en de Joden een indirecte bondgenoot vonden. In 1900 erkenden ook hervormingsgezinde socialisten als Bernstein of Jaurès het belang van het werk van Proudhon en meenden dat het in sommige opzichten in staat was om het werk van Marx te corrigeren. Het was echter pas met mei 68 en zelfbestuur-ervaringen als die van Lip, maar vooral sinds de val van de Berlijnse Muur, dat de gedachte van Proudhon echt uit zijn as herboren zou worden. [Staking Lip-fabriek in Besançon in 1973, waarna sympathiestakingen begonnen; thh.]

                           Pierre-Joseph Proudhon

In het begin van de jaren negentig namen antiglobaliseringsbewegingen veel van zijn ideeën over zoals zelfbestuur, directe democratie of participatieve democratie, waarbij zij de voorkeur gaven aan horizontale organisaties zonder leider. Dit is ook te vinden in bewegingen na de bankencrisis van 2008, zoals Occupy Wall Street. Het inspireert eveneens een groot deel van de coöperatiebeweging die de mogelijkheid ziet van een alternatieve opvatting van de onderneming in de vorm van werknemersassociatie met kapitaal en het ‘één man, één stem’-systeem. Meer in het algemeen hebben zijn geschriften, in het bijzonder over de kritiek op het eigendom, een uitgebreide reflectie gevoed aangaande het steeds belangrijker wordende begrip van de commons.

De commons, opnieuw populair gemaakt door de Nobelprijswinnares in de economie Elinor Ostrom, betreffen praktische ontwerpen van democratische bestuursvormen, gebaseerd op samenwerking en opereren zonder monopolie van de staat of een kapitalistische markt. Dit is het onderwerp van recent werk van Pierre Dardot en Christian Laval, bijvoorbeeld in hun boek Commun, waarin de geschriften van Proudhon grotendeels zijn overgenomen. Ook hier vinden we het begin van concrete experimenten die de filosoof uit Besançon ongetwijfeld zouden hebben geënthousiasmeerd. Die handelen over het municipalisme van ‘Barcelona in common’ tot het democratisch confederalisme van de Syrische Koerden in Rojava en de socialisatie van het water in Napels.’

In: Le Comptoir van18 september 2018 (vertaling en bewerking door Thom Holterman).

Advertenties
No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

%d bloggers liken dit: