Spring naar inhoud

Raoul Vaneigem: We Hebben Geen Andere Keuze Dan Het Onmogelijke Te Durven

06/10/2019

      Raoul Vaneigem

Raoul Vaneigem, voormalige lid van de Situationistische Internationale (die bestond van 1957 tot 1972), legt in een interview met het Franse dagblad Le Monde van 30 augustus 2019 uit waarom het te verkiezen valt om voor een opstandig pacifisme te kiezen in plaats van zich  te verlaten op de tactiek van de Black Blocs, als men de beschaving van het handelskapitaal wil omver werpen. In het interview met Le Monde zijn de laatste twee vragen en antwoorden niet gepubliceerd. De integrale versie, dus die waarin de laatste twee vragen en antwoorden wel te vinden zijn, treft men aan op de site La voie du jaguar. De vertaling is van Geert Carpels. [ThH]

Vraag: Wat is de aard van de aan gang zijnde mutatie, van het instorten van de beschaving? In welke zin is het einde van een wereld niet het einde van de wereld, maar het begin van een nieuwe? Welke beschaving zie je dan, aarzelend, de kop opsteken middenin de ruïnes van de oude?

            Raoul Vaneigem

Raoul Vaneigem: Hoewel de bezettingsbeweging, die de meest radicale tendens van ‘Mei 1968’ was, er niet in is geslaagd het project van een zelfbeheer van het dagelijkse leven uit te voeren, kan ze prat gaan op een verworvenheid van uitzonderlijk belang. Ze heeft een bewustzijn in het leven geroepen dat een onomkeerbaar punt voorstelt in de geschiedenis van de mensheid. Het massale aanklagen van de welfare state – de staat van het consumentenwelzijn, van het geluk op afbetaling – heeft de doodsteek toegebracht aan de deugden en gedragingen die sinds millennia werden opgelegd en voor onwrikbare waarheden werden gehouden: de hiërarchische macht, het respect voor de autoriteit, het patriarchaat, de angst en het misprijzen voor de vrouw en de natuur, de verering van het leger, de godsdienstige en ideologische gehoorzaamheid, de concurrentie, de competitie, de roofzucht, het offer, de noodzaak van het werk.

Het idee zag toen het licht dat het echte leven niet kon worden verward met ‘overleven’ dat het lot van de vrouw en de man verlaagt tot dat van een lastdier en een prooidier. Later werd gedacht dat deze radicaliteit was verdwenen, weggeveegd door interne rivaliteiten, machtsstrijd, opstandig sektarisme; versmacht door de regering en door de communistische partij, waarvan het de laatste overwinning was. Het was echter eerder dat het vooral aangevreten werd door de enorme golf van triomfalistisch consumentisme die nu als gevolg van de voortschrijdende verpaupering langzaam maar zeker opdroogt. Men hield er geen rekening mee dat de gedwongen aanmoediging tot consumeren, de ontwijding van de oude waarden in zich droeg.

De kunstmatige bevrijding, aangeprezen door het supermarkthedonisme, verbreidde een overvloed en een diversiteit aan keuzes die slechts één nadeel hadden, dat er aan de uitgang de kassa wachtte; er moest nog worden betaald. Dit lag aan de oorsprong van een model van de democratie waarin de ideologieën plaats ruimden ten voordele van kandidaten die in hun verkiezingscampagne gebruik maakten van de meest beproefde publicitaire technieken. Het cliëntelisme en de ziekelijke aantrekkingskracht van de macht bespoedigden de ruïne van een gedachtegoed waarvan de huidige regering zonder vrees de ontstellende haveloosheid tentoonspreidt. Vijf decennia volstonden om te vergeten dat onder het bewustzijn van het proletariaat, platgewalst door het consumentisme, een menselijk bewustzijn aanwezig was waarvan de lange sluimering het plotse ontwaken niet heeft verhinderd.

De beschaving van het handelskapitalisme is niets meer dan het gekletter van een machine die de wereld verbrijzelt om haar te versnipperen tot beurswinst. Alles hapert wat van bovenaf komt. Wat van onderuit ontstaat, wat in de samenleving vaste vorm krijgt, dat is een gevoel van menselijkheid, een voorrang van het zijn. En het zijn heeft geen plaats in de luchtbel van het hebben, in het raderwerk van de globalisering van de handel. Dat het leven van het menselijke wezen en de ontwikkeling van zijn bewustzijn vanaf nu hun voorrang bevestigen in de aan gang zijnde opstand, staat me toe te spreken van de geboorte van een beschaving die voor het eerst de aan onze soort inherente creativiteit bevrijdt van de onderdrukkende voogdij van de Goden en de meesters.

Vraag: Sinds 1967 hebt u onophoudelijk de doodstrijd beschreven van de beschaving van het handelskapitalisme. Ze bestaat nochtans nog altijd en ontwikkelt zich elke dag verder in deze tijd van financieel en digitaal kapitalisme. Zit u niet gevangen in een progressieve (of teleologische) visie van de geschiedenis, die u trouwens deelt met het neoliberalisme (dat u tezelfdertijd bestrijdt)?

Ik heb lak aan etiketten, aan categorieën en aan andere opberglades van het spektakel. Het nadeel van een systeem dat vastloopt, is dat het lang kan duren. Heel wat economen schreeuwen voortdurend moord en brand in afwachting van een onafwendbare beurskrach. Het heeft niets met doemdenken te maken, de implosie van de monetaire bubbel maakt deel uit van het geheel. Het gelukkige gevolg van een kapitalisme dat zich tot barstens toe blijft opblazen, is dat het,  net zoals de regering die uit naam van Frankrijk het Franse volk onderdrukt, veroordeelt, verminkt, ogen uitsteekt en verarmt, de lui onderaan de ladder aanzet om vóór alles het dagelijkse leven te verdedigen. Het stimuleert de lokale solidariteit, het moedigt aan om te antwoorden met burgerlijke ongehoorzaamheid en met het zich zelf organiseren tegen diegenen die de armoede rentabiliseren, het nodigt uit om het res publica in eigen handen te nemen, de publieke zaken die dagelijks verder worden geruïneerd door de oplichterij van de financiële machten. Dat de intellectuelen over modieuze concepten debatteren in de trieste arena’s van het egotisme, is hun recht. Sta me echter toe meer interesse op te brengen voor de creativiteit die in de dorpen, de wijken, de steden, de regio’s het onderwijs opnieuw uitvindt dat werd verknoeit door de sluiting van de scholen en door het onderwijs in concentratiescholen; het openbaar vervoer herstelt; nieuwe en kosteloze energiebronnen ontdekt; de permacultuur verspreidt en de door de landbouw- en voedingsindustrie vergiftigde gronden opnieuw natuurlijk maakt; de groenteteelt en een gezonde voeding bevordert; van de wederzijdse hulp en de solidaire vreugde een feest maakt. De democratie komt uit de straat, niet uit de urnen.

Vraag: U hekelde, samen met anderen, de oproerkraaiers uit de revolutionaire bewegingen en opstandige groeperingen die het stalinisme in stand hielden, of van de manier waarop het trotskisme bijvoorbeeld de onderdrukking van Kronstadt toedekte. Kan men het in verband met onze wereld hebben over “het democratische totalitarisme” of over “de geconcentreerde hebzucht” als een passende manier om de realiteit of het revolutionaire opbod te beschrijven?

De onderdrukkers en de manipulatoren aan de kaak stellen lijkt me echt niet meer nodig, de leugen is overduidelijk geworden. De eerste de beste beschikt over wat men de ‘schaal van Trump’ zou kunnen noemen, om het niveau van het mentale gebrek te meten van de valsspelers, zonder terug te hoeven vallen op een moreel oordeel. Het belang ligt elders. Het heeft jaren van hersenspoeling gekost vooraleer Goebbels ervan uit kon gaan dat ‘hoe grover de leugen, hoe beter men hem slikt’. Wie vandaag de belabberde toestand van de ziekenhuizen voor ogen heeft en in de oren de ministeriële beloftes tot verbetering, begrijpt zonder moeite dat het volk behandelen als een samenraapsel zwakzinnigen alleen de psychopathologische ravage van de machtshebbers benadrukt. Ik heb geen andere keuze dan op het leven te mikken. Ik wil geloven dat er achter de rol en de functie van de smeris, van de rechter, van de procureur, van de journalist, van de politicus, van de manipulator, van de tribuun, van de expert in de subversie, een mens bestaat die het hoe langer hoe moeilijker heeft om het gebrek aan authentieke belevenissen te verdragen waartoe de vervreemding van de winstgevende leugen hem veroordeelt.

De bezorgdheid voor het opbod, de meerwaarde zijn me vreemd. Ik ben noch baas, noch beheerder van een groep, noch goeroe, noch denkmeester. Ik zaai mijn ideeën zonder me erover te bekommeren of ze nu op vruchtbare dan wel steriele gronden vallen. In deze context verheug ik me gewoon over het verschijnen van een beweging die niet populistisch is – zoals gewenst door de aanstokers van de chaos die zo goed is voor het gesjoemel – maar een ware populaire beweging die vanaf het begin uitvaardigde dat ze afzag van bazen en zelfverklaarde vertegenwoordigers. Dit stelt me gerust en bevestigt mijn overtuiging dat mijn persoonlijk geluk onafscheidelijk is van het geluk van iedere vrouw, ieder kind en iedere man.

Vraag: Hoe komt het dat “het paramilitaire gauchisme” en “de politietroepen” in een steriele oog in oog toestand terecht zijn gekomen, vooral sinds de betogingen tegen de arbeidswet? En hoe kan men eruit geraken?

De technocraten houden met een zodanig cynisme vast aan het kwellen van het volk als een beest dat in de val zit van de arrogante onmacht, dat men verwondert moet zijn over de gematigdheid waarvan de populaire woede blijk geeft. Het black bloc is een uiting van een woede die door de onderdrukking van de politie moet worden aangewakkerd. Het is een blinde woede die door de mechanismen van het mondiale profijt gemakkelijk wordt overwonnen. Symbolen vernietigen is niet hetzelfde als een systeem vernietigen. Erger nog dan een dwaasheid, gaat het over een haastige verzadiging, amper bevredigend, frustrerend, het gaat om het afwenden van een energie die beter gebruikt kan worden bij de onontbeerlijke opbouw van zelfbeheerde gemeenschappen. Ik ben met geen enkele paramilitaire beweging solidair en ik wens dat de beweging van de gele hesjes in het bijzonder en de populaire subversie in het algemeen zich niet laten meeslepen door een blinde woede die de vrijgevigheid van het leven en van het menselijke bewustzijn in een drijfzand doen belanden. Ik zet alles in op de uitbreiding van het recht op geluk, op een ‘opstandig pacifisme’ dat van het leven een absoluut wapen zal maken, een wapen dat niet doodt.

Vraag: Wat betreft de beweging van de gele hesjes, is dit of was dit een revolutionaire of een reactionaire beweging?

De beweging van de gele hesjes is niet meer dan een nevenverschijnsel van een sociale beroering die het verval bevestigt van de handelsbeschaving. Die begint pas. Ze bevindt zich nog onder de verstomde aandacht van de intellectuelen, afval van een cultuur met sclerose, die zo stevig vastgeroest zaten in de rol van leiders van het volk en er nu niet van terugkomen dat ze niet op staande voet werden ontslagen. Welnu, het volk heeft besloten alleen door zichzelf te worden geleid. Het zal tasten, stotteren, zich vergissen, vallen, weer opstaan maar het heeft dat licht uit het verleden in zich, die verzuchting naar een echt leven en naar een betere wereld die de bewegingen van emancipatie, die vroeger werden onderdrukt, afgeremd, platgewalst, in hun elan gebroken, nu aan ons heden overdragen om ze aan de bron aan te vatten en hun loop te laten vervolgen.

Vraag: Uw visie op de opstand is zowel radicaal (in haar weigering van de dialoog met de Staat, het rechtvaardigen van sabotage, enz.) en gematigd (in haar weigering van de gewapende strijd, van de woede die zich laat herleiden tot vandalisme, etc.). Wat zijn de limieten van de opstandige woede? Wat is uw ethiek van de opstand? En wat denkt u over de publicaties en acties  die sinds tien jaar worden gevoerd in het spoor van “De komende opstand”? [Het betreft hier een verwijzing naar een Frans pamflet waarover meer op de site Globalinfo; klik HIER.]

Sinds de opflikkering van ‘Mei 1968’, zie ik alleen het verschijnen van de beweging van de Zapatisten in Chiapas, de opkomst van een confederale maatschappij in Rojava en inderdaad, in een heel verschillende context, de geboorte en vermenigvuldiging van de ZAD, (Zone à défendre – Te verdedigen gebieden) waar de weerstand van een regio tegen de aankomst van geplande hinder een solidariteit van “samenleven”  doet ontstaan. Ik weet niet wat ‘ethiek van de opstand’ betekent. Wij worden slechts geconfronteerd met de uitdrukking van volle vreugde en van woede, van ontwikkelingen en van regressies. Bij de vragen die men zich kan stellen, lijken er me twee onontbeerlijke te zitten. Hoe de zondvloed verhinderen van de vechtjassen van de staat die de levensgemeenschappen en hun gebieden vernietigen omdat de kosteloosheid niet samengaat met het principe van de winst? Hoe verhinderen dat een samenleving die de individuele en collectieve autonomie voorstaat, in haar schoot de oude tegenstelling weer opbouwt tussen machtsmensen en een basis zonder vertrouwen in haar eigen creatieve mogelijkheden?

Vraag: Waarom moeten we het mannelijke en het vrouwelijke overstijgen (noch patriarchaat noch matriarchaat)? En wat verstaat u onder het instellen van een “acratische voorrang van de vrouw”?

De valstrik van het dualisme is dat hij het overstijgen verhindert. Ik heb niet gevochten tegen het patriarchaat opdat er een matriarchaat op zou volgen, dat niet meer is dan hetzelfde maar omgekeerd. Er bestaat mannelijkheid bij de vrouw en vrouwelijkheid bij de man, het gamma is uitgebreid genoeg om de vrijheid van liefdesbegeerten voor alle verlangens naar believen aan te passen. Wat mijn hartstocht wegdraagt bij de man en bij de vrouw, dat is het menselijke wezen. Men zal me niet kunnen overhalen om toe te geven dat de emancipatie van de vrouw erin bestaat toegang te krijgen tot wat de man zo dikwijls verfoeilijk maakte: de macht, de autoriteit, de wreedheid van de krijger en van de roofzuchtige. Een vrouwelijke minister, staatshoofd, smeris, speculant is geen knip meer waard dan het mannetje dat haar als minder dan niets behandelde.

Het wordt daartegenover tijd zich rekenschap te geven van de relatie die er bestaat tussen de verdrukking van de vrouw en de verdrukking van de natuur. Ze verschijnen allebei tijdens de overgang van de beschavingen vóór het ontstaan van de landbouw naar de beschaving van de landbouw en handel van de Stadstaten. Het lijkt me dat de samenleving die zich vandaag aftekent, ten gevolge van haar nieuw verbond met de natuur, het eindpunt bereikt van de anti-fysis (de anti-natuur) en bijgevolg het hoofdzakelijk acratische van de vrouw erkent, het is te zeggen, zonder macht, eigenschap waarvan ze genoot voor de opkomst van het patriarchaat. (Het woord heb ik ontleend aan de Spaanse libertaire stroming der acrates)

Vraag: Waarom beschouwt u de intellectuelen als “dichters die zichzelf verloochenen” en hun controverses als ijdel (van het post-structuralisme tot het feminisme, van de survival adepten tot de dierenrechtenactivisten)?

De poëzie, dat is het leven. De intellectueel pronkt met een functie die even vervreemdend werkt als de manuele functie – beiden afkomstig uit het werk en de opsplitsing ervan. In de greep van het lichaam, waarvan hij de impulsen temt in plaats van ze te louteren, is hij een geest waarvan de ideeën, hoe interessant ze ook kunnen wezen, gescheiden zijn van wat leeft en van die gevoelige intelligentie die uit onze vitale impulsen afkomstig is. De ideeën die ‘het hoofd bekokstooft’ geven voeding aan een abstracte intelligentie die zich nooit afzijdig houdt van de macht die het wil uitoefenen over het lijf en het sociale leven.

Vraag: Wat stelt u in staat te denken dat met het aanbreken van de tijd van het zelfbeheer van het leven, de problemen (dominantieverhoudingen allerhande, dierenmishandeling, misogynie, identitaire beweging, enz) van de baan zijn (het leven in gemeenschap overstijgt het communautarisme, enz)? Op welke manier kan een nieuwe levensstijl beschermen tegen het egoïsme, de macht en de vooroordelen?

Niets is voor altijd verworven maar het menselijke bewustzijn is een krachtige motor voor verandering. Tijdens een gesprek met de ‘opstandige ondercommandant’ Moises, van de Zapatistenbasis La Realidad, in Chiapas verklaarde hij dat ‘de Mayas altijd al misogyne waren. De vrouw was een inferieur wezen. Om dat te veranderen, hebben we bij de vrouwen moeten aandringen opdat ze een mandaat aanvaardden in de “junta van goed bestuur” die de beslissingen van de vergaderingen bespreekt. Vandaag is hun aanwezigheid uiterst belangrijk, ze weten het en geen enkele man komt nog op het idee hen uit de hoogte te behandelen’. Men heeft altijd de vooruitgang gelijkgesteld met de technische vooruitgang die, van Gilgamesj tot nu, gigantisch is. Als we daarentegen het verschil bekijken tussen de bevolking van de eerste Stadstaten en de volkeren van vandaag, onderworpen aan de wetten van het winstbejag, dan is de vooruitgang voorbehouden voor de mens, net zo ontegenzeggelijk, oneindig klein. De tijd is misschien aangebroken om de immense mogelijkheden van het leven te ontdekken en eindelijk voorrang te geven aan de vooruitgang van het zijn in plaats van die van het hebben.

Vraag: Op welke manier is het Zapatisme één van de meest geslaagde pogingen van het zelfbeheer van de het dagelijkse leven? En is het Zadisme een zapatisme?

Zoals de Zapatisten het zeggen: ‘We zijn geen model, we zijn een ervaring.’ De beweging van de Zapatisten is ontstaan uit een landelijke Maya gemeenschap. Ze is niet vatbaar voor export, maar het is toegelaten lessen te trekken uit de nieuwe samenleving waarvan ze probeert de grondvesten te leggen. De directe democratie baseert zich op het aanbod van mandatarissen die, uit hartstocht voor hun particuliere domein, hun kennis ten dienste stellen van de collectiviteit. Ze worden, voor een welbepaalde tijd, afgevaardigd naar de ‘junta van goed bestuur’ waar ze verslag uitbrengen over het resultaat van de ondernomen stappen. Het ter beschikking stellen en collectief beheer van de gronden heeft een einde gemaakt aan de dikwijls bloedige conflicten die vroeger woedden tussen de eigenaars van verschillende percelen. Het verbod op drugs werkt ontradend op het binnendringen van de drugskartels, die een groot deel van Mexico met hun gruwelijkheden overstelpen. De vrouwen hebben het uitvaardigen van een verbod op alcohol voor elkaar gekregen, omdat anders het macho geweld, waar ze zo lang het slachtoffer van waren geweest, weer zou kunnen oplaaien. De universiteit van de aarde te San Cristobal verstrekt gratis onderwijs in de meeste uiteenlopende domeinen. Er wordt geen enkel diploma uitgereikt. De enige vereisten zijn de begeerte om te leren en de wil om de kennis verder te verspreiden. We hebben hier te maken met een eenvoud die in staat is de bureaucratische complexiteit en de abstracte retoriek uit te roeien die ons gedurende ons hele bestaan van onszelf wegrukken. Het menselijke bewustzijn is een aan gang zijnde ervaring.

DE VOLGENDE VRAGEN EN HUN ANTWOORDEN WERDEN ZONDER ME TE RAADPLEGEN, WEGGELATEN IN DE KRANT VAN 31 AUGUSTUS 2019.

Vraag: Is het mogelijk om te ontsnappen uit de spiraal van geweld?

Die vraag moet worden gesteld aan de regering die moet worden herinnerd aan het betoog van Blanqui: ‘Ja heren, dit is de oorlog tussen de rijken en de armen, de rijken hebben het zo gewild, ze zijn inderdaad de aanvallers. Zij vinden het alleen nadelig dat het volk weerstand biedt. Als ze het over het volk hebben, zeggen ze gewoonlijk: dat dier is zo woest dat het zich verdedigt als het wordt aangevallen.’ Het project van Blanqui, die de gewapende strijd tegen de uitbuiters voorstaat, verdient te worden bekeken tegen de achtergrond van de gekoppelde evolutie van het kapitalisme en de arbeidersbeweging, die er voor streed om dat te vernietigen.

Het bewustzijn van het proletariaat, in haar verzuchting om een klasseloze maatschappij op te bouwen, is een overgangsfase geweest die door de geschiedenis werd omkleed met het menselijke bewustzijn in de periode toen de sector van de productie de plaats nog niet had ingeruild voor de kolonisatie door het consumentisme. Het is dat menselijke bewustzijn dat nu de kop weer opsteekt in de opstand waarvan de Gele hesjes slechts een voorbode zijn. We maken de opkomst mee van een opstandig pacifisme dat, met als enige wapen de niet te onderdrukken wil tot leven, zich stelt tegenover het vernielende geweld van de regering. Want de staat kan en wil ook niet de eisen van het volk horen dat langzaam werd ontzegd van haar publieke goed, haar res publica.

Het is trouwens overduidelijk dat het de menselijke waardigheid en de koppige vastberadenheid van de opstandelingen is die net aan de bedriegers van de republiek de golf van geweld besparen die hen anders fysisch zou treffen tot in hun getto’s van vuil geld. Het toppunt van absurditeit is wel dat die oplichters er niets beter op vinden dan een beweging voor schietschijf te nemen die hen verhindert om hun geweld op een aanvaardbare manier te rechtvaardigen. Ze jutten hun waakhonden uit de media en de politie op. Ze steken ogen uit, ze zetten gevangen, ze vermoorden straffeloos. Ze vermenigvuldigen de provocaties terwijl ze hun uiterlijke en belachelijke tekenen van rijkdom voor de ogen van de armsten ten toon spreiden. Laat hun bezorgdheid om de verwoestende vandalen van vuilnisbakken en etalages te achterhalen, zo niet om de verwoesting van vuilnisbakken en etalages te bevorderen, niet zien dat ze geen echte burgeroorlog nodig hebben, maar wel het spektakel, de enscenering ervan? De chaos komt, zoals iedereen weet, het zakendoen goed uit.

De leiders hebben geen andere steun dan het profijt waarvan de onmenselijkheid aan hen vreet. Ze hebben geen andere intelligentie dan het geld dat er de plaats van inneemt. Zij zijn de barbaarsheid en de opstandelingen zullen niet ophouden die geüsurpeerde legitimiteit af te schaffen.

Voorrang geven aan het menselijke wezen, zich organiseren zonder baas noch zelfverklaarde vertegenwoordiger, de voorrang verzekeren van het bewuste individu tegenover de mekkerende individualist van de populistische kudde, dat zijn voor de aan gang zijnde opstand en voor de bevolkingen van de aarde de beste garanties voor de ineenstorting van het onderdrukkende systeem en haar vernielzuchtige geweld.

Vraag: Het klimaat warmt op, de biodiversiteit neemt af, het Amazonewoud brandt met de actieve medeplichtigheid of op het principiële verzoek van de regeringen. Kan de strijd tegen de verwoesting van de natuur, die een groot deel van de (westerse maar ook wereld-) bevolking en haar jeugd mobiliseert, een hefboom zijn voor het ‘opstandige pacifisme’ dat u voorstaat?

De brand van het Amazonewoud is deel van het grotere programma van woestijnvorming dat de kapitalistische roofzucht oplegt aan alle Staten van heel de wereld. Het is op zijn minst bespottelijk om zich te beklagen bij de Staten die niet aarzelen om hun eigen nationale territoria te vernielen uit naam van de prioriteit van het profijt. Overal gaan regeringen over tot ontbossing, verstikken ze de oceanen onder het plastic, vergiftigen ze moedwillig de voeding. Schaliegas, petroleum- en goudboringen, ondergrondse opslag van kernafval zijn slechts details ten opzichte van de aantasting van het klimaat die wordt versneld door de dagelijkse productie van hinder door de bedrijven vlak bij ons, binnen handbereik van het volk dat er het slachtoffer van is.

De bewindslui gehoorzamen aan de wetten van Monsanto en beschuldigen een burgemeester van illegaliteit omdat hij pesticiden verbiedt in zijn gemeente. De gezondheid van zijn inwoners beschermen wordt hem als een misdaad aangerekend. Dat is het strijdtoneel, aan de basis van de samenleving, waar de wil voor een beter leven opduikt uit de onzekerheid van het bestaan.

In die strijd is het pacifisme van geen tel. Ik wil alle dubbelzinnigheden ophelderen. Het pacifisme riskeert niets meer te zijn dan een pacificatie, een humanisme dat een terugkeer verdedigt naar het hok van de lijdzame.

Overigens is er niets minder vreedzaam dan een opstand, maar niets is zo afschuwelijk dan die oorlogen van het paramilitaire gauchisme waarvan de leiders zich spoeden hun macht op te leggen aan het volk dat ze pochend bevrijden.

Offervaardig pacifisme en gewapende tussenkomst zijn de twee kanten van een tegenstelling die moet worden overstegen. Het menselijke bewustzijn zal een merkbare vooruitgang hebben geboekt wanneer de wachters van het mekkerende pacifisme zullen hebben begrepen dat ze de Staat het recht op de matrak en de leugen toekennen telkens als ze zich overgeven aan het ritueel van de verkiezingen om, volgens de vrijheden van de totalitaire democratie, de vertegenwoordigers te kiezen die alleen zichzelf vertegenwoordigen, voor het algemeen belang stemmen dat vroeg of laat persoonlijk belang wordt.

En wat betreft de aanhangers van een wrekende woede mag de hoop worden uitgesproken dat ze de mise-en-scène van het rollenspel door de media beu worden en dat ze leren en er zich aan overgeven, om het hangijzer te grijpen waar het systeem echt wordt geraakt: het profijt, de rendabiliteit, de portefeuille. Het verspreiden van de kosteloosheid is de meest natuurlijke verzuchting van het leven en van het menselijke bewustzijn waarmee het leven ons bevoorrecht. De wederzijdse hulp en de feestelijke solidariteit ten toon gespreid door de opstand van het dagelijkse leven zijn een wapen dat door geen enkel wapen dat doodt kan worden overwonnen.

Nooit een mens vernietigen en nooit ophouden met het vernietigen van wat een mens ontmenselijkt.  Vernielen wat zich voorneemt ons te doen betalen voor het onvergankelijke recht op geluk.

Utopie? Draai en keer het zoals je wil. We hebben geen ander alternatief dan het onmogelijke te proberen of te kruipen als larven onder de ijzeren hiel die ons verplettert.

[Integraal (dus met de weggelaten twee vragen en antwoorden in Le Monde) verschenen vraaggesprek met Raoul Vaneigem op de site La voi du jaguer. Vertaling Geert Carpels.]

[Beeldmateriaal ontleend aan de Rotterdamse dichter en illustrator Manuel Kneepkens.]

Advertenties
No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: