Spring naar inhoud

Herstelrecht – Restorative Justice : Als Een Transformatief Proces 

04/09/2022

Rehzi Malzahn

Straffen moet en er zijn mensen die dat verdienen. Deze gedachte lijkt maatschappelijk gemeengoed. Maar helpt het ook? Dat blijkt niet het geval. Al eeuwen niet. Straffen haalt niets uit. Daarnaast: heel wat handelen blijft straffeloos, want het is onbenoemd in het Wetboek van Strafrecht.

Het voorgaande moet niet worden opgevat als ontkenning van het voorkomen van onwenselijke, schadelijke en schade berokkenende gedragingen. Om die gedragingen gericht aan te pakken, moet er fundamenteel iets veranderen. In twee richtingen is daarvoor een paradigmawisseling nodig. Eén: het strafrecht moet worden afgeschaft waarvoor in de plaats komt het zogeheten herstelrecht. Twee: de vorenbedoelde verandering moet ingepast zijn in een fundamentele sociaaleconomische verandering die breekt met de kapitalistische economie. Dat is niet het werk voor een achternamiddag – het is iets van een lange adem. Overigens, op zijn minst is men er al een eeuw mee bezig om een strategie voor die paradigmawisseling uit te zetten. Over lange adem gesproken…

Onlangs verscheen van de Duitse activistische vakjournaliste Rehzi Malzahn het boek Restorative Justice, Eine radikale Vision. Daarin komt uitgebreid het waarom van herstelrecht aan de orde en hoe dit in Duitsland en enkele andere landen langzaamaan op onderdelen ingevoerd wordt. Naast (a) de bespreking van haar boek, zal ik ook iets (b) over herstelrecht in Nederland zeggen en (c) de relatie van restorative justice met het anarchisme toelichten. [ThH]

Restorative justice, een radicale visie

Rehzi Malzahn wijst erop dat restorative justice een koepelbegrip is voor verschillende soorten procedures van oplossen van onrecht, die basiswaarden en -beginselen met elkaar delen. Het is geen ‘methode’ om zonder meer toe te passen, omdat restorative justice als deel van culturele verandering begrepen hoort te worden. Wij zijn ons niet bewust hoe geïnfecteerd wij zijn door de doctrine: er zijn individuele boosdoeners die door leedtoevoeging een heropvoeding moeten gaan. De dader moet lijden en de schadevergoeding vloeit in de vorm van een opgelegde boete in de kas van de staat.

Tegenover dit ‘model’ staat dat van tal van inheemse volken, zoals die in de USA, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland. In het centrum van hun model staat ‘genezing’ (heling, healing) en herstel (Wiedergutmachung). Het gaat hen niet om het gelijk hebben, maar om menselijke verbinding en om de vraag wat daarvoor nodig is, wat er toe kan bijdragen. Allen dragen verantwoordelijkheid.

Juist omdat er ook een culturele omslag gemaakt moet worden, is te begrijpen dat er allerlei nieuwe termen zijn bedacht. Zo wordt over letsel toebrengen en leed toevoegen gesproken en niet meer over strafbare daden. Iets strafbaar noemen zegt namelijk niets in hoe verre iemand verwond werd. Kortom, hier wordt de concentratie op de dader in het strafproces (was de handeling strafbaar?) vervangen door de concentratie op het slachtoffer (wie raakt gewond en waardoor?). Degene die de schade-toebrengende handeling verrichtte, wordt niet als dader gelabeld. Stigmatiserende termen als ‘moordenaar’ worden vermeden.

De vraag naar de schuld concentreert zich op hetgeen wat niet goed is en werkt belastend. Daarom concentreert men zich op verantwoording: wat kan iemand doen? Dat werkt constructief. Herstel, het weer goed maken en verandering zijn de oplossingsstrategieën in het kader van restorative justice. Wanneer men voor iets verantwoordelijk is, gaat rekenschapafleggen over wat men gedaan heeft. Tevens gaat een rol spelen hoe men met de uitwerking van de oplossing omgaat. Deze terminologie en manier van werken is voor een deel afkomstig uit het inheemse herstelrecht. Het heeft niets met newspeak van doen. In dat geval gaat het om andere begrippen die zaken eufemistisch moeten verpakken, terwijl de situatie niet verandert.

Met restorative justice gaat het juist wel om verandering van cultuur en maatschappij, wat het een radicale visie maakt en waarom er ook over ‘paradigmaverandering’ wordt gesproken. Dat daar in westerse maatschappijen de schoen wringt, hoeft geen betoog. Aan die maatschappijen mankeert structureel door de kapitalistische instelling zoveel, dat er sprake is van een overmaat aan criminogene werking. Zo kent het bestaan van de scheiding arm/rijk een dusdanig criminogeen karakter dat er velerlei vormen van (georganiseerde) misdaad zijn aan te wijzen. Kortgeleden verzamelde ik daarvoor nog een ruime hoeveelheid voorbeelden (zie Online en Online).

Rehzi Malzahn besteedt in haar boek aan veel van dit soort kwesties aandacht, maar is tegelijk praktijk gericht wat de toepassing van restorative justice aangaat. Zij heeft haar boek daarnaar ingericht. Zij gaat eerst in op de (inheemse) wortels van ‘herstelrecht’ om daarna te behandelen (a) de beginselen en theoretische grondslagen ervan, (b) de methodes van dialoog en kringvormen, (c) de afgrenzing, de bijzondere contexten ervan en een hoofdstuk dat informeert over de situatie in enkele andere landen dan Duitsland.

Steeds waar dat te pas komt, geeft de auteure in haar boek puntsgewijs aanwijzingen, waaraan tijdens het herstelproces goed is om aan te denken. Dat lijkt mij van waarde voor de praktijk. Tenslotte volgt nog een hoofdstuk dat gaat over de transformatie van strafregimes.

Herstelrecht in Nederland?

 

De Tilburgse hoogleraar Strafrecht, Marc Groenhuijzen, schreef tien jaar geleden over het tienjarige bestaan van het Tijdschrift voor Herstelrecht (zie Online). Hoewel hij vol lof was over het tijdschrift, valt uit het artikel ook op te maken, dat restorative justice in Nederland niet zoveel voorstelde. Of die situatie inmiddels (sterk) veranderd is, weet ik niet. 

Ik wijs op zijn artikel omdat het een bepaalde stand van zaken bespreekt over het onderwerp restorative justice. Hij is zelf een gematigd iemand, dus een radicale visie zit er bij hem niet in. Hij wijst op de founding fathers, zoals hij ze noemt, te weten Loek Hulsman en Herman Bianchi. Zij huldigden, meer dan een halve eeuw geleden, wèl een radicale visie omtrent de afwijzing of in ieder geval fundamentele verandering van strafrecht.

Het is naar het mij voorkomt mogelijk zelfs een eeuw teruggegaan. Dan is te wijzen op iemand met radicale opvattingen over het strafrecht en bij wie je wel de intentie maar niet de werktitel, ‘restorative justice’, tegenkomt, de libertaire juriste en maatschappijcritica Clara Wichmann (1885-1922). Eén keer kwam ik haar naam onlangs tegen in de bedoelde context, in een kleine tekst onder de titel ‘Clara Wichmann Campagne’: ‘Toen wij de teksten van Clara Wichmann lazen viel het ons op dat veel van haar woorden vandaag de dag nog even waardevol zijn als 100 jaar geleden. Hoe kan het dan dat we 100 jaar later nog steeds dezelfde problemen tegenkomen?’. Goede vraag! (zie de site Restorative Justice Nederland, maart 2022; Online).

Clara Wichmann

De problematiek van een radicaal herstelrecht komt sterk tot uitdrukking in het door Clara Wichmann geschreven Oprichtingsmanifest van het ‘Comité van aktie tegen de bestaande opvattingen omtrent Misdaad en Straf’ (augustus 1919) en in haar Stellingen over dat onderwerp voor het eerste congres van dat Comité (maart 1920). Zij had aan de Franse criminoloog en hoogleraar forensische medische wetenschap, Alexander Lacassagne (1843-1924) diens idee over ‘sociale milieutheorie’ ontleend. Van daaruit is zij de ‘sociologische’ weg in de criminologie gaan bewandelen (zie Online).

Zij levert vervolgens een socialistische, libertaire variant van de sociale milieurechtstheorie. Dit is in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw onder meer in de juridische faculteit van de Erasmus Universiteit Rotterdam opgepakt, onder leiding van Loek Hulsman. Het gehele programma is echter vanaf de intrede van het neoliberale ‘no-nonsense’ tijdperk, in de tweede helft van de jaren tachtig, langzaam geaborteerd. Onveranderd blijft dat via Clara Wichmann er een verband is gelegd met het denken over recht en herstel aan de ene kant en anarchisme aan de andere kant.

Restorative justice in relatie met anarchisme

In de jaren 1970 ontstaat er een ‘revival’ rond Clara Meijer Wichmann en de (libertaire) kringen waarin zij onder meer met Bart de Ligt (1883-1938) verkeerde. Clara was juriste. Het interesseerde mij bovenmatig hoe zij naar het recht keek. Ik was niet de enige die haar teksten ging lezen, waarbij ik denk aan redactieleden van het anarchistische tijdschrift de AS. In 1975 verscheen dat tijdschrift met een speciaal nummer over Clara Wichmann, onder de titel Misdaad/Straf/Klassejustitie (nr. 17, zie Online). Daarin zijn overdrukken opgenomen van haar, voorafgegaan door een inleiding.

Hans Ramaer en ik verzorgden vervolgens een bundel teksten van haar, met inleidingen van ons, rond twee groepen teksten: (a) maatschappij en filosofie en (b) recht en straf. De titel ervan luidt Bevrijding, Een keuze uit het werk van Clara Meijer Wichmann (Amsterdam, 1979), uitgegeven door nog een andere AS-redacteur, Boudewijn Chorus (Stichting Pamflet). Vijf jaar later verscheen opnieuw een AS-nummer over haar, kortweg getiteld Clara Wichmann (nr. 70/1985, zie Online). Daarin wordt door Hans Ramaer gewezen op de actualiteit van het denken van Clara en treft men van Theo Clijsters een artikel aan over ‘Strafrecht en anarchisme?’, naast van mijn hand ‘Kultuur, recht en straf bij Clara Wichmann’. En Clara Wichmann zelf? Als zij daarom wordt gevraagd, schrijft zij een inleiding bij een boek van Russische anarchist Peter Kropotkin (1842-1921), diens De Franse Revolutie (zie Online).

Is mijn herinnering correct, dan ben ik in de tijd van de revival (rond 1975) van Clara Wichmann de term restorative justice niet tegengekomen. Voor het eerst kwam ik die tegen bij de Amerikaanse libertaire sociologen en criminologen Dennis Sullivan en Larry Tifft. Het was in hun boek, dat ik besprak, The Struggle to be Human, Crime, Criminology & Anarchism (1980). Dennis Sullivan was werkzaam in het ‘Institute for Economic  and Restorative Justice’ (University of Albany), Larry Tifft als docent in de Central Michigan University.

Een van de anarchistische auteurs die Sullivan en Tifft hebben geïnspireerd is Peter Kropotkin. Larry Tifft schreef eens samen met een andere auteur, Lois E. Stevenson, het artikel ‘Humanistic Criminology: Roots from Peter Kropotkin’ (in:The Journal of Sociology & Social Welfare, Vol. 12/3 (1985). In dit artikel constateren zij dat Kropotkins geschriften over criminologische kwesties bijna volledig verwaarloosd zijn. Door middel van kritische historische en macro structurele analyses beoordeelde Kropotkin institutionele regelingen en hij legde bloot hoe zij al dan niet aan de menselijke behoeften voldeden. Zijn bijdragen aan de penologie (onderzoek naar de effectiviteit van straffen) en zijn beoordeling van sociale regelingen, die zouden voldoen aan de complexe en steeds veranderende behoeften van de mensheid, worden door hen kort besproken. Het analytische kader van Kropotkin biedt dan een inzichtelijke en provocerende basis van waaruit criminologisch denken en onderzoek kan worden gesynthetiseerd en van waaruit actie kan worden ondernomen om sociale regelingen te veranderen die niet aan menselijke behoeften voldoen (zie Online).

In een artikel dat Sullivan en Tifft over hun ruime 25 jarige samenwerking publiceren onder de titel ‘The Transformative and Economic Dimensions of Restorative Justice’ (2011), omschrijven zij ‘justice’ (gerechtigheid) als ‘gelijkwaardig welzijn’ (equal well-being). Daaraan voegen zij toe: ‘dit situeert restorative justice in een op behoefte gebaseerde politieke economie en sociale institutionele context, zoals die beschreven is door Kropotkin (met als verwijzing naar diens De verovering van het brood, 1903).

Het streven naar gelijkwaardig welzijn maakt hun opvatting over restorative justice ‘radicaal’. Want zo lezen we: waar we vanaf moeten is, dat gerechtigheid gedefinieerd wordt (a) in een situatie waar tussenpersoonlijk geweld of macht wordt uitgeoefend of (b) wanneer ongelijkheden of hiërarchische sociale arrangementen worden afgedwongen. En omdat restorative justice berust op participatie, wordt dat laatste niet door macht en geweld aangemoedigd, zodat herstelrecht een slag in de lucht blijft. Macht (in de zin van dominantie) en geweld dient dus geëlimineerd te worden. Sullivan en Tifft weten ook wel dat daar een groot probleem voor de bestaande (westerse) maatschappijen ligt.

Het doel van hen die op macht vertrouwen is bevrediging bereiken van hun eigen behoeften ten koste van die van anderen. Hun handelen, zo noemen Sullivan en Tifft dat, wordt als kosteneffectief gezien, is een kwestie van voor- en nadelen afwegen, als de machtsdragers maar een ‘surplus-status’ voor henzelf weten te bereiken en voor anderen daarmee een ‘verlies-status’ creëren. Het is belangrijk in gedachten te houden, dat dit forceren van anderen in een verlies-status ten behoeve van eigen voordeel, niet alleen aan de orde is in misdaad-gerelateerde situaties ‘op straat’, maar ook thuis, op school, op het werk, wanneer er macht en geweld uitgeoefend wordt. En niet te vergeten, de creatie van de verlies-status vindt ook plaats in straf-gerelateerde situaties, wanneer een persoon geweld gebruikt om een voorafgaande schade-toebrengende handeling aan te pakken, om het even of die persoon een ouder, een medewerker of een beslisser in het strafrechtelijke systeem is.

Hierin ligt de reden, aldus Sullivan en Tifft, om te spreken over een ‘transformatieve component’ van restorative justice. Wanneer bepaalde sociale en economische structuren continu kwesties produceren met leed, ongelijkheid en geweld als resultaat, dan zullen beoefenaren van restorative justice ook steeds weer dienen aan te moedigen die structuren af te breken of fundamenteel om te bouwen (zie verder Online).

Wie kan daar tegen zijn? Vanzelfsprekend degene die geweld en macht uitoefent ten eigen bate (surplus-status). Maar ik kan mij niet voorstellen dat iemand als Marc Groenhuijzen, de Tilburgse hoogleraar Strafrecht naar wie ik hier boven verwees, daar tegen is. Hij is voorzichtig met ‘veranderen’, met ijveren voor ‘transformatie’ ter bevordering van een maatschappelijke metamorfose. Zo zullen er meer zijn. En misschien weet Rehzi Malzahn hen over te halen anders naar die kwestie te kijken.

Aan de Japanse cultuur ontleent zij een techniek van het weer samenvoegen van gebroken keramiek (bijvoorbeeld een vaas). De scherven worden zo aan elkaar gelijmd, dat de naden zichtbaar blijven, Dit is een soort kunstuiting geworden. De gebroken en gelijmde vaas heeft een nieuwe kwaliteit gekregen. In het Japans wordt voor deze manier van repareren het woord ‘Kintsugi’ gebruikt (p. 143)

Malzahn vergelijkt restorative justice ermee. Wat is gebeurd, is gebeurd. Men kan dat niet meer ongedaan maken. Het levert niets op het verlorene eeuwig te beklagen. Het herstel, de heling (healing) bestaat erin, uit wat gebeurd is een nieuwe situatie te scheppen, die niet perfect is, maar de gebeurtenis omzet in iets nieuws.

In een zeker opzicht, zegt zij, is dat pragmatisch. En ook restorative justice is pragmatisch. Wanneer men in vrede met elkaar leven wil, heeft het geen zin zich op grote gerechtigheidsidealen te beroepen of te volharden in de pijn van het verlies. Men heeft de opgave, om te herstellen, te repareren, zodat men door kan gaan. Daarbij gaat het veelal om gebeurtenissen op het micro-vlak. Restorative justice laat ook het in de praktijk brengen toe in grotere dimensie. Ook het handelen van multinationals en staten treft vaak concrete personen waar evengoed restoratieve vormen van onrecht op van toepassing zijn.

En hoe radicaal men ook meent te moeten zijn, houdt Malzahn de lezer(es) voor, we mogen niet vergeten dat de politieke systemen, ontstaan na een revolutie, nooit een alternatief voor straffen opgeleverd hebben. De radicale visie van Rehzi Malzahn lijkt mij langs deze manier van denken een politieke uitwerking van pragmatisch anarchisme op te leveren. Een bemoedigende bijkomstigheid. Een radicale visie ten behoeve van een prefiguratieve praktijk.

Thom Holterman

Malzahn, Rehzi, Restorative Justice. Eine radikale Vision, Schmetterling Verlag, Stuttgart, 2022, 180 blz., prijs 14,80 euro. 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: