Spring naar inhoud

Creatieve Constructies Om De Staat Te Passeren: Zones Om Te Verdedigen (ZAD), Commons, Collectieven

23/12/2018

Bijna een jaar lang zijn Isabelle Fremeaux (actie-onderzoekster) en John Jordan (kunstenaar-activist) in Europa onderweg geweest en hebben zij ontmoetingen gehad met mensen die er hier en nu voor gekozen hebben om anders te leven. Zij begonnen die reis in 2007. Ze deelden andere manieren van liefhebben en eten, produceren en uitwisselen, samen beslissen en rebelleren. Het is zowel een reisverhaal als een fictieve documentaire. Dit film/boek, getiteld Les sentiers de l’Utopie, biedt een echte en een denkbeeldige reis, een verkenningstocht gelanceerd om postkapitalistische levensvormen te ontdekken.

Hun trektocht begon in een illegaal geïnstalleerd ‘Klimaatkamp’ in de buurt van de luchthaven van Heathrow en liep door tot een gehucht dat werd gekraakt door punkers uit  de Cevennen, een Spaanse anarchistische school van eigen leerlingen, een Engelse boerengemeenschap met een zeer geringe ecologische impact, bezette fabrieken in Servië, een vrije-liefde collectief in een voormalige basis van de vroegere Stasi en een boerderij die privé-eigendom heeft afgeschaft. Ze hebben levende utopieën ontdekt in de onzichtbare tussenruimtes van het systeem. Het leveren evenzovele zones op om te verdedigen (ZAD) en commons, collectieven naast activiteiten in eigen beheer. Het zijn creatieve constructies om de staat te passeren. Maar staten verdragen het niet dat men zonder hen zou kunnen leven.

Werk in uitvoering

Uit hun ervaringen is Les sentiers de l’Utopie (Paden van Utopie) voortgekomen [de titel van het boek moet niet verward worden met die van Martin Buber, Paden in utopia, 1946, in het Nederlands vertaald 1972]. De tekst is een verhaal dat het leven van elke gemeenschap, haar praktijken en geschiedenis vertelt. De film, een docu-drama dat tijdens de reis is opgenomen, presenteert zich als een poëtische roadmovie die zich in de toekomst afspeelt. De personages en plaatsen circuleren van boek tot film en laten stap voor stap, op het breukvlak met het heden, de schitteringen van een andere, mogelijke toekomst raden. De plaatsen, de ‘concrete utopieën’, die zij bezochten zijn de volgende: Camp Climat,  Landmatters, Paideia, Marinaleda, Can Masdeu, La Vieille Valette, Cravirola, Longo maï, Zrenjanin, ZEGG, Christiania.

De oorspronkelijke uitgave bood een DVD die in de omslag van het boek was geïntegreerd. De nieuwe pocketversie (2012) verschaft de mogelijkheid de film online te bekijken via http://www.editions-zones.fr of met de flashcode die op de achterzijde van de omslag is gedrukt.

Vraaggesprek met Isabelle Fremeaux en John Jordan

Bijna tien jaar later is Alizé Lacoste Jeanson voor de site Le Comptoir het onderzoekende en reislustige tweetal voor een vraaggesprek gaan opzoeken in het gebied van de Bretonse ZAD Notre-Dame-des-Landes, een gebied dat uit de handen van de ‘betonmaffia’ is gehaald (en waar Vinci een nieuw vliegveld wilde bouwen). Het is eind augustus 2018 en men is in afwachting van de ‘Week tussen de Melkweg’ die begin september 2018 begint. Het gesprek gaat over de staat, de legale ‘sterke arm’ van Vinci, wat die zal gaan doen na de intense strijd van de afgelopen tien jaar en een verzet tegen de plannen van in totaal zestig jaar. En het gaat over alternatieve leefwijzen in relatie tot verzetsvormen.

Aan het vraaggesprek ontleen ik slechts enkele passages die ik passend vind met betrekking tot wat ik de FAZ noem, te weten ‘functionele anarchistische zone’. Ook zij gaan er namelijk vanuit dat de weg naar een andere maatschappij verloopt via alternatieve leef- en werkconstructies, waarbij zoveel mogelijk de staat genegeerd of vermeden wordt. Overigens moeten we er rekening mee houden, zoals zij opmerken, dat staten het niet kunnen verdragen dat men zonder hen zou kunnen leven. Op welke manier heeft het tweetal de verzetsvormen zien evolueren?

John Jordan: We begonnen het boek in 2007, toen we vertrokken. Het was misschien vier of vijf jaar na het einde van de anti-globaliseringsbewegingen, maar er was nog steeds de resonantie van deze bewegingen en het Klimaatkamp was er een direct gevolg van. Het Klimaatkamp was eigenlijk een laboratorium, een experiment om te proberen de kwestie van directe actie en de ethiek van de prefiguratie te behandelen. Men moest dit situeren in een infrastructureel gebied (zoals kernenergie) en een systemische kritiek hebben op een bepaald ecologisch probleem. Het ging er dan om steeds weer te laten zien dat het kapitalisme de oorzaak is van deze infrastructuur. In die zin had het nog steeds een beetje van de antiglobaliseringsbewegingen die elkaar ontmoetten op de grote toppen (de ‘Forums’), de grote acties, enz. [..] Nu is er meer en meer territoriaal verzet, dat zegt: ‘Kijk naar dit gebied, kijk naar hoe het systeem het probeert te beheersen met vormen van ontwikkeling die ook vaak ecologische en klimaatmisdrijven zijn. Ik denk dus dat er een tendens is naar strijd in gebieden. Het is echt iets wat ik zie van hier [van de ZAD], Standing Rock, enz. [..]

Maar we hebben gewonnen! En dat is een beetje gênant voor de staat omdat het een vorm van verzet op grond van een conflicterend belang legitimeert, die de steun van de bevolking geniet. [..]

Isabelle Fremeaux: Ik denk dat het heden de uitdaging is om te blijven strijden voor een echte praktijk van de commons, wat, zoals we kunnen zien, iets is wat de autoriteiten afwijzen op een manier die lachwekkend zou zijn als het niet zo bespottelijk was. We zijn op het punt gekomen dat er zelfs collectieve agrarische rechtsvormen bestaan waarvan ons verteld wordt dat ze niet gebruikt kunnen worden. Er is een absolute weigering van collectieve systemen. Voor mij is dit echter een van de dingen die fundamenteel zijn: te kunnen doorgaan met leven en dit te doen op de duurzame manier van een wezenlijke praktijk van de commons. En deze praktijk van de commons kan alleen plaatsvinden buiten de uitsluitend commerciële vormen. Ik denk dat het onmogelijk is om een gemeenschappelijke praktijk van de commons te hebben binnen handelsvormen.

‘Behoefte aan een goede resolutie of een goede revolutie’.

Vraag: In jullie boek Les sentiers de l’Utopie dringen jullie erop aan dat om het kapitalisme te bestrijden, het niet alleen noodzakelijk is om alternatieven te creëren, maar ook om weerstand te bieden, in opstand te komen. Het is hetzelfde dubbele begrip dat in de ZAD wordt gebruikt: we verdedigen niet alleen de ZAD en zijn alternatieve manieren, we vechten tegen de luchthaven en zijn wereld. Deze creatieve weerstand, deze waardige woede, is sinds 1994 ook door de zapatisten van Chiapas op grote schaal ontwikkeld. In dezelfde geest verdedigen jullie het idee dat er niet één enkel model is om het kapitalisme te bestrijden, maar ervaringen waaruit we inspiratie kunnen putten – we moeten verzetszones creëren, nieuwe manieren van handelen vinden, ontwikkelen. Jullie boek bundelt dus bestaande utopieën in termen van productiemiddelen, uitwisseling, onderwijs, sociale organisatie, seksualiteit….. Hetgeen mij het meest heeft geprikkeld is waarschijnlijk de Spaanse anarchistische school waar leerlingen hun eigen school maken. Is daar iets meer over te zeggen?

Isabelle Fremeaux: Ik denk dat hetgeen wat ook ons het meest heeft getekend en getransformeerd, dat het de Paidea, de anarchistische school in Merida (Extremadura) is, opgericht in 1978. Daar hebben we een echte les in het leven gehad en charisma geleerd van kleintjes tussen de leeftijd van achttien maanden en vijftien jaar. Dat was erg mooi. Het is een school die volledig zelf georganiseerd is door kinderen en volwassenen, in samenwerking, rond het idee dat vrijheid alleen kan floreren door de notie van verantwoordelijkheid ermee te associëren. Het is helemaal geen school waar men kleine individualisten opleidt om alleen naar hun verlangens te luisteren. Het is een plek waar een echte gemeenschap bestaat die samengroeit met mensen van verschillende leeftijden, die zich gelijktijdig verantwoordelijk voelen voor elkaar en de groep. Er is duidelijk een erkenning dat als je vier jaar oud bent en als je veertig bent, je niet dezelfde kennis hebt, en dus ook niet dezelfde verantwoordelijkheden hebt. Dat betekent echter niet dat er een hiërarchische relatie uit voortvloeit. Het is een school waar kinderen zelf en collectief beslissen wat ze zullen leren en hoe ze zullen leren. Zij zijn degenen die de maaltijd maken, zij zijn degenen die opruimen.

Dan, om terug te komen op wat je zei en alleen maar toegevoegd ter verduidelijking, de herinnering aan de zapatisten is absoluut geen toeval. Het is waarschijnlijk een van mijn sterkste politieke inspiratiebronnen die mijn leven heeft veranderd.

John Jordan komt onder verwijzing naar het eind van het boek op de ZAD terug: ‘Het mooiste aan de ZAD is eigenlijk de mix van ja en nee. Nu zitten we in een interessant moment van de tijd. We menen dat we tegelijk weerstand en creatie moeten opbrengen omdat we alle gemeenschappelijke tuinen moeten onderhouden, alle gemeenschappelijke windturbines die we willen, moeten laten draaien. Maar als we niet tegelijk de industriëlen die gas, olie en kolen verbranden tegenhouden, zullen onze gemeenschappelijke tuinen snel woestijnen worden en zullen de windturbines geen zin hebben als ze overstroomd worden door het stijgende water. We moeten dus een einde maken aan dit systeem en tegelijkertijd de alternatieven laten zien. Als we het systeem alleen maar willen stoppen, worden we al snel meegesleept in nihilisme, in negativisme, wat niet erg wenselijk is. Wat mensen nodig hebben is om een potentieel van verandering en van verlangen te hebben. Voor ons is revolutie een praktijk van het bouwen van verlangen. Hoe bouw je verlangens uit die verder gaan dan het kapitalistische systeem?’

‘Als je alleen in het alternatief leeft, bestaat het risico dat je vergeet wie de vijand is. De hele geschiedenis van de jaren zeventig in de Verenigde Staten is hier interessant. Duizenden mensen brachten gemeenten, alternatieven, landelijke utopieën, enz. tot leven. Wat er met name in Californië gebeurde, is dat deze mensen uiteindelijk Silicon Valley ‘werden’. Omdat het geheel van de individuele vrijheid in overeenstemming was met de logica van het Internet, vergaten de initiatiefnemers hun vijand en gingen samenwerken met de militairen, industriëlen, enz. Daarom vinden we dat er veel problemen zijn met ecologische alternatieven die geen verband houden met verzetsbewegingen; omdat ze gemakkelijk nieuwe laboratoria van groen kapitalisme en nieuwe vormen van kapitalisme kunnen worden. Het kapitalisme gaat dit moment opnieuw een crisis in, die van de ecologische crisis, dus het zal een nieuwe vorm moeten vinden. En de alternatieven kunnen door dit nieuwe kapitalisme worden teruggewonnen als ze niet betrokken zijn bij vormen van verzet’.

Thom Holterman (op basis van een vraaggesprek integraal te vinden op de Franse site Le Comptoir.)

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

%d bloggers liken dit: